dinsdag, mei 15th, 2012
Hoe voorkom je een conflict tussen christenen en moslims in een klein dorp? Laat dat maar aan een groepje welwillende vrouwen over, aldus het plot van Et maintenaint on va où? In deze Frans-Libanese productie presenteert regisseuse Nadine Labaki het verhaal van de vrouwen en rivaliserende dorpsgenoten vooral op een grappige manier. Ondanks een charmante cast en een paar innemende scènes, weet de film als geheel niet volledig te overtuigen. De oorzaak hiervan is een gebrek aan diepgang, afwezigheid van een spanningsboog en misplaatste melodramatische momenten.
Met bloed, zweet en tranen wordt met een schotelsatelliet op een berg gezocht naar een signaal, zodat de eerste en enige televisie in het dorp kan worden aangesloten. De televisie verenigt de bewoners in het dorp waar christenen en moslims over het algemeen vreedzaam naast elkaar leven. De situatie in de rest van het land is alleen niet zo vreedzaam. Wanneer dit op het nieuws komt, proberen de vrouwen de aandacht af te leiden door hysterisch door de uitzending te gaan praten. Dit kan helaas niet voorkomen dat de spanning in het dorp tussen de twee bevolkingsgroepen toch oploopt en er botsingen ontstaan. De vrouwen laten zich echter niet zomaar uit het veld slaan en verenigen zich om plannen te bedenken die de mannen van vechten zullen weerhouden.
Oppervlakkig
En waar gaan we nu heen? De titel stelt een vraag die je ook jezelf tijdens het kijken regelmatig stelt. Een spanningsboog is namelijk iets dat in de film ontbreekt. Het verhaal springt van een romance tussen de mooie christelijke Amale (vertolkt door de regisseuse zelf) en moslim Rabih (Julian Farhat), naar de vrouw van de burgemeester (Leyla Hakim) die doet alsof ze contact heeft met de maagd Maria. Deze zou doorgeven dat de mannen moeten ophouden met vechten. Dan komen er ook nog een paar showgirls uit Oekraïne die de sfeer in het dorp moeten verbeteren. Al deze verschillende verhaallijnen zorgen ervoor dat je als kijker niet zo goed weet waar in het verhaal naar toe gewerkt wordt. Dit heeft als gevolg dat niet alle verhaallijnen duidelijk worden uitgewerkt. Hierdoor blijven de karakters alleen charmant voor het oog, zonder verdere diepgang.
Musical?
Het lijkt wel alsof Labaki niet zo goed wist wat ze precies met de film wilde. Een serieus onderwerp in een grappig verhaal gieten? Een ode brengen aan vredelievende vrouwen? Of toch een musical maken? Zeker is dat de liedjes die uit het niets een paar keer worden ingezet, vrij overbodig zijn. Natuurlijk is het leuk om onder het genot van een lied met alle vrouwen van het dorp hasjkoekjes te maken voor verhitte mannen, maar de regisseuse had de tijd van de liedjes beter kunnen besteden aan een verdieping van de verhaallijnen.
Et maintenant on va où? redt het helaas niet met de spirit van de vrouwen in het rumoerige dorp en scènes die van tijd tot tijd best grappig zijn. Door de vele onuitgewerkte verhaallijnen en karakters, blijft de film niet tot het einde boeien. Het antwoord op de vraag van de titel is dan ook simpel: snel naar huis.
Tags: christenen, Et maintenant on va ou?, Film, Filmrecensie, frankrijk, gevechten, grappig, Libanon, moslims, musical, Nadine Labaki, Recensie, Tessa Stevens
Posted in Film, Recensie | No Comments »
dinsdag, mei 15th, 2012
In de interactieve performance The New Man. Four Excercises in Utopian Movements van LIGNA, te zien op Springdance, worden alle handelingen uitgevoerd door het publiek. Zij krijgen in anderhalf uur een stoomcursus hoe te bewegen als De Nieuwe Mens, zoals Chaplin, Brecht, Laban en Meyerhold dat gewild zouden hebben. LIGNA wil veel van ons, en geeft ook veel informatie. Heel veel.
Voordat het publiek de zaal betreedt krijgt iedereen een klein radiootje met oordopjes toebedeeld. In de grote ruimte waar de voorstelling zich af zal spelen staan alleen twee rijen stoeltjes en er liggen wat yogamatjes in de hoeken. Een stuk of twaalf toeschouwers betreden de ruimte en kijken elkaar afwachtend aan: wat gaat er gebeuren?
‘Close your eyes’
“Welcome,” zegt een zachte vrouwenstem in netjes Engels via de radio. “You are now going to learn four exercises in utopian movements.” Haar stem en manier van praten doen denken aan een stewardess die instructies geeft. “Pause. Close your eyes. Turn around.” Enkele toeschouwers gaan rondlopen, maar velen blijven ook staan. Het publiek is opgedeeld in vier groepen die allemaal verschillende instructies krijgen. Iedereen luistert ingespannen naar de opdrachten die ze krijgen en steeds ingewikkelder worden. Mensen lopen met stoelen, liggen op matjes en achtervolgen elkaar.
Instructies van Chaplin
Deze instructies zijn gebaseerd op het gedachtegoed van de komiek Charlie Chaplin, toneelschrijver Bertolt Brecht, danskunstenaar Rudolf van Laban en regisseur Vsevolod Meyerhold. Allen waren na de Eerste Wereldoorlog op zoek naar een nieuwe functie voor hun kunst, en een nieuwe relatie tot het leven en de maatschappij. Alle vier vonden daar een andere manier voor, die LIGNA ons aan den lijve laat ondervinden. Mensen lopen uitgedraaid met gestrekte benen door de ruimte zoals Chaplin, of experimenteren met gebaren en de verschillende sociale statussen zoals Brecht dat deed. Na elk kwartier draagt de stem ons op om onze ogen te sluiten en rond te draaien: het begin van een nieuwe exercise naar het stramien van een nieuwe leraar. Net zolang tot we elke leraar gehad hebben.
Overkill aan informatie
Er gebeurt veel in LIGNA. Je hebt de rol van toeschouwer en performer, je bent met elkaar bezig en met jezelf. Ondertussen licht de stem de verschillende theorieën toe en probeer je secuur de verschillende ingewikkelde opdrachten uit te voeren. Halverwege slaat de vermoeidheid even toe, ‘wat een informatie!’. Jammer is ook dat, wanneer je het roulerende systeem door hebt, de voorstelling voorspelbaar wordt. Je weet wat er allemaal nog gaat komen, want dat zie je andere ’toeschouwers’ al doen. The New Man is een voorstelling met ingenieuze humor. Maar LIGNA wil te veel. Door de overkill aan informatie en de voorspelbaarheid verliest de voorstelling zijn vaart, en dat is zonde. Een klein stapje terug zou meer beweging opleveren.
Tags: Bertold Brecht, Charles Chaplin, dans, Huis aan de Werf, LIGNA, Rudolf van Laban, Springdance 2012, Utrecht, Vsevolod Meyerhold
Posted in Recensie, Theater | No Comments »
dinsdag, mei 15th, 2012
Op maandag 9 april 2012 was de release van het album MTV Unplugged van Florence + The Machine. Na het uitbrengen van de twee succesvolle studioalbums Lungs in 2009 en Ceremonials in 2011, komt de band nu met een album waarop hun beste werk van de afgelopen jaren live te horen is. MTV Unplugged is een opname van een concert dat in december plaats vond in New York. Een goede keuze, want live klinken Florence + The Machine nóg beter.
Een andere sound
Zoals we van Florence Welch gewend zijn klinkt haar stem live geweldig en lijkt deze geen grenzen te hebben. Haar stem heeft enorm veel kracht maar toch klinkt het alsof zingen haar geen enkele moeite te kost. MTV Unplugged begint met ‘Only If For A Night’, het nummer waarmee het vorige album Ceremonials ook werd geopend. De live versie van dit nummer is minstens zo goed als de versie op Ceremonials, waardoor je als luisteraar direct nieuwsgierig wordt naar de rest van het album.
Daarna wordt ‘Drumming Song’ gespeeld, afkomstig van het eerste album. Ondanks dat dit nummer mooi wordt begeleid door onder andere harp en viool, is het toch jammer dat in deze versie de percussie is weggelaten. Op de oorspronkelijke versie is een heftige drum-sectie te horen die “the almighty sound” of “drumming noise inside my head” waarover wordt gezongen heel mooi illustreert. Door de afwezigheid hiervan op de live versie ontstaat er een ander soort geluid en gevoel, dat minder goed past bij dat waar ‘Drumming Song’ over gaat.
Ook bij de uitvoering van ‘Breaking Down’ is de percussie weggelaten, maar in dit nummer is dat juist een goede keuze geweest. De begeleiding door alleen harp en piano zorgt namelijk voor een hele mooie dromerige sfeer. Zo zijn de meeste nummers op dit album veel minder heftig begeleid dan dat we gewend zijn van Florence + The Machine. ‘Never Let Me Go’ is daar ook een goed voorbeeld van. De eerste minuten van dit nummer zingt Florence slechts begeleid door een piano, pas tegen het eind vallen ook de drums, gitaar en harp in. Dit zorgt ervoor dat MTV Unplugged een hele pure klank heeft en dat we een andere kant kunnen horen van Florence + The Machine.
In de voetsporen van Redding en Cash
Op MTV Unplugged zijn naast de uitvoeringen van eigen nummers ook twee bijzondere covers te horen. Ten eerste is er de cover van ‘Try A Little Tenderness’, een nummer dat bekend werd door de uitvoering van niemand minder dan Otis Redding. De uitvoering op MTV Unplugged van het soulvolle ‘Try A Little Tenderness’, zingt Florence met alleen pianobegeleiding. Ondanks de vele uitvoeringen van verschillende artiesten die bekend zijn van ‘Try A Litte Tenderness’ is de versie van Florence toch heel bijzonder. Deze akoestische uitvoering in combinatie met haar eigen geluid en de kracht in haar stem maakt dat dit een van de betere covers is van ‘Try A Little Tenderness’.
De tweede cover is het country nummer ‘Jackson’, waarmee Johnny Cash en June Carter groot succes behaalden. Florence zingt ‘Jackson’ samen met rockmuzikant Josh Homme. Op deze manier laten Florence + The Machine horen dat ze van alle markten thuis zijn, van soul tot country tot hun eigen genre indie rock.
Met als afsluiter het opzwepende ‘Shake It Out’ hebben Florence + The Machine weer een hele bijzondere cd gemaakt, waarop ze voor een groot deel een wat zachtere kant van zichzelf laten horen. MTV Unplugged telt helaas maar een bescheiden aantal van elf nummers. Het zou niet erg zijn geweest als het er dubbel zo veel waren geweest, want het is een prachtig album geworden.
Tags: cd, florence, Indie, live, MTV, Muziek, Recensie, The Machine, Unplugged
Posted in Muziek, Recensie | No Comments »
dinsdag, mei 15th, 2012
In het onlangs geopende koetshuis van Museum van Loon in Amsterdam is een overzichtstentoonstelling van portrettist en genreschilder Michiel van Musscher (1645-1705) te zien. Het museum laat je met deze beknopte expositie kennismaken met de schilder en illustreert aan de hand van zijn werk de weelde van de Gouden Eeuw. De kostbare kleding, exotische dieren en luxe tapijten schitteren op de doeken.
De naam Michiel van Musscher doet misschien niet gelijk een belletje rinkelen, maar in zijn tijd had elke welgestelde familie in de zogenaamde Gouden Bocht van de Herengracht in Amsterdam een schilderij van hem in huis hangen. Zo portretteerde hij ook acht leden van de vermogende familie Van Loon. Daarmee waren zij Van Musschers belangrijkste opdrachtgevers. Museum van Loon is dus de plek bij uitstek om Michiel van Musscher uit de anonimiteit te halen.
Verfijnde details
Het museum toont dertig werken van Van Musscher. Door deze kleine maar weloverwogen selectie, geeft de tentoonstelling een helder beeld van het oeuvre van de kunstenaar. Er is namelijk nogal wat te zien op Van Musschers schilderijen, zoals blijkt uit zijn Zelfportret (1673). De knopen van het kleed zijn te tellen en het boek is zo duidelijk geschilderd dat te zien is om welk werk en zelfs welke pagina het gaat, namelijk het derde hoofdstuk van het tweede boek uit Sebastiano Serlio’s (1475-1554) bekende reeks over architectuur. Niet voor niets gold dit portret met de meesterlijk uitgevoerde details als het visitekaartje van de schilder.
Weelde en luxe
Met het werk van Van Musscher laat Museum van Loon de weelde aan het einde van de Gouden Eeuw zien. De zeventiende eeuw was een tijd van bloei voor de handel en kunsten in Nederland. Deze voorspoed neemt al aan het eind van de zeventiende eeuw af, onder andere door opkomende concurrentie in de handel. Ondanks dit economische verval bleven de rijken kapitaalkrachtig. Dat de luxe levensstijl van de welgestelde burgers niet werd aangetast, blijkt wel uit het portret van Een elegant echtpaar in een rijk interieur (1685). Het echtpaar is afgebeeld op het moment dat de vrouw haar man stoort tijdens het schrijven van een brief. Beiden zijn afgebeeld in een kostbare kamerjas in een kamer met een Chinees lakkabinet, een Indiaans tapijt en een exotische kaketoe, stuk voor stuk luxe objecten die Van Musscher haarfijn schilderde.
Met Michiel van Musscher. De weelde van de Gouden Eeuw wordt de schilder de eer toebedeeld die hij verdient. Het is een fijne ontmoeting met zijn werk waar je door de vele verfijnde details niet snel op uitgekeken raakt.
Tags: amsterdam, Esther Blanken, Familie van Loon, genrestukken, Gouden Eeuw, Michiel van Musscher, museum van loon, overzichtstentoonstelling, portretten, Recensie, schilderkunst, Sebastiano Serlio
Posted in Kunst, Recensie | No Comments »
maandag, mei 14th, 2012
Iedere lente komt de Dutch Don’t Dance Division met een nieuwe editie van Solo’s @ the Sea. In dit programma krijgen zowel jonge als meer ervaren acteurs, muzikanten en dansers de kans om een solo te maken en te laten zien. Voor de vijfde editie hebben zij een selectie gemaakt van eerdere solo’s aangevuld met nieuw werk. In de voorstelling wordt het publiek getrakteerd op mooi pianospel, komisch theater en vooral erg veel dans. Bijzonder is dat deze voorstelling niet speelt in het theater, maar in strandpaviljoen de Fuut op het Haagse strand. Dit resulteert in een intieme avond met gevarieerde solo’s, allemaal met een prachtig decor van strand en zee.
De avond opent met het verrassende en boeiende Solo in the Sand, uitgevoerd door choreograaf en danser Thom Stuart. Wanneer de gordijnen voor de grote ramen van het theaterzaaltje open gaan, zien we Thom half ingegraven in het zand. Op het live gezongen ‘What power art thou’ voert hij een dans uit waarbij hij enkel zijn bovenlichaam gebruikt. De bewegingen beginnen rustig, maar worden steeds wilder. Met veel emotie en kracht maakt hij wilde zwaaiende armbewegingen en slaat hij met zijn vuisten op het zand, alsof hij zich gevangen of wanhopig voelt. Opvallend aan de voorstelling is dat de solo’s mooi in elkaar overlopen. Wanneer Thom zichzelf na zijn solo bevrijdt uit het zand loopt hij naar de ramen toe, en schrijft daarop van buitenaf de tekst “alleen op je rug in het donker”, wat het begin is van de volgende choreografie.
Inspirerende citaten
Deze choreografie met de titel Company wordt uitgevoerd door danser Youri Jongenelen. De dans is gebaseerd op het boek Company van Beckett. De choreografie bestaat uit vier delen, elk geïnspireerd door een citaat uit het boek. De korte dansstukken worden tussen de andere solo’s door uitgevoerd, en beelden de emotie en de sfeer van de citaten mooi uit. Bij het ene citaat is de dans ingetogen en zijn de bewegingen langzaam en gecontroleerd, terwijl Youri bij een volgend citaat weer snel over het podium heen rent en sprongen laat zien. De dans en de citaten zetten je aan het denken, en maken je telkens nieuwsgierig naar het volgende deel.
Iets uitbundiger van aard is het sexy en humoristische Come Here Often?, gedanst door Sabrina Vis. Met felrode lipstick en gekleed in een uitdagend kostuum bestaand uit een glimmend zwart topje en een kort rokje danst zij op de gelijknamige muziek. De tekst van de muziek bevat verschillende versiertrucs die door Sabrina worden uitgebeeld. Zo maakt ze gebaren, gaat ze los op de muziek of kijkt bij de vraag “do you come here often?” speels en uitdagend het publiek in. Ze zet haar rol goed neer en weet met haar sterke expressie de aandacht van het publiek van begin tot eind vast te houden.
Frisse zeebries en zonsondergang
In de voorstelling is goed gebruik gemaakt van de omgeving. Dansers lopen van alle kanten naar binnen en naar buiten, en enkele choreografieën worden zelfs volledig buiten op het strand uitgevoerd. Een mooi voorbeeld hiervan is Between the walls of my living-room door Anouk Cappuyns. Midden op het strand met de zee op de achtergrond danst zij een mooie lyrische solo. De wind die haar jurkje en haren laten wapperen en de zonsondergang op de achtergrond zorgen voor een prachtig plaatje.
Solo’s @ the Sea is een gevarieerde voorstelling met vele korte solo’s, welke zeer verschillend zijn en allemaal een eigen karakter hebben. Hoewel er ook pianospel, zang en toneel is bestaat het grootse deel van het programma uit dans. Toch zorgt de verscheidenheid en de kwaliteit van de choreografieën ervoor dat er voor ieder wat wils is. De kleinschaligheid van dit programma zorgt voor een intieme en persoonlijke sfeer. Dit in combinatie met het mooie decor van strand en zee maakt dat De Dutch Don’t Dance Division zich met Solo’s @ the Sea positief weet te onderscheiden van andere dansvoorstellingen.
Tags: dans, Dutch Don't Dance Division, Isabella Zijp, Rinus Sprong, Solo's @ the Sea, Strand, Theater, Thom Stuart
Posted in Recensie, Theater | No Comments »
zondag, mei 13th, 2012
In de Young Adult thriller Between van Jessica Warman gaat de jonge Liz als geest op zoek naar de reden van haar dood. Een spannend verhaal waarin de schrijfster met een enigszins moraliserende toon laat zien dat niemand is wie hij op het eerste gezicht lijkt.
Voor haar achttiende verjaardag mag Liz een feestje geven op een boot. ‘s Morgens ontdekt ze als geest haar eigen lijk in het water. Vergezeld door de eerder verongelukte Alex probeert ze erachter te komen waarom ze gestorven is. Ze weet niet meer wat er het afgelopen jaar is gebeurd en duikt in haar herinneringen om de oplossingen van de raadsels te vinden.
Spannende raadsels
De schrijfstijl van Warman is eenvoudig, maar ze weet op een zeer spannende manier aanwijzingen te stoppen in de dialogen en herinneringen. Ieder personage heeft geheimen en niemand is niet wie hij op het eerste gezicht lijkt. Warmen vertelt het verhaal vanuit het perspectief van Liz. Zij moet net als de lezer raadsels oplossen:
‘Meteen herken ik hem, met een pijnlijke zekerheid die mijn hele lichaam doet verslappen. Mijn knieën knikken. Als mijn hart nog zou slaan, zou het nu als een razende tekeergaan. Vince Aiello. Hoe heb ik die man ooit kunnen vergeten? En waarom weet ik niet meer wat hij me heeft aangedaan?’
De lezer trekt eerder de juiste conclusies dan Liz, doordat die het allemaal van een afstand kan bekijken terwijl Liz er met haar emoties middenin zit. Warman voorkomt echter dat het verhaal voorspelbaar wordt, door er regelmatig een interessante wending aan te geven. Iedereen denkt bijvoorbeeld dat Liz vreemd ging met Vince, maar een disc met foto’s stelt de zaak in een heel ander daglicht.
Moralisme
Het verhaal heeft een enigszins moraliserende toon. Warman legt het er dik bovenop dat de populaire Liz in haar leven een gemeen kreng was en in de dood bewustwording vindt. Ze zit opgescheept met Alex, die in zijn leven een nerd was. Eerst schaamt Liz zich nog voor hem, maar gaandeweg gaat ze hem als persoon waarderen.
Op eenzelfde wijze laat Warman zien dat de karakters van de meeste personages niet zwart-wit zijn, maar grijs. Ieder heeft zo zijn goede en slechte kanten en vaak een reden voor bepaald gedrag. Liz is bijvoorbeeld erg getekend door de dood van haar moeder en diens eetproblemen.
Echte pageturner
Ondanks de moraliserende motieven van de schrijfster is Between een spannende thriller. De vlotte schrijfstijl en spannende raadsels zorgen ervoor dat je het boek niet snel aan de kant legt.
Tags: Between, buitenlandse vertaling, CultuurBewust.nl, dood, geesten, Jessica Warman, Literatuur, moord, Recensie, Rozemarijn Strubbe, thriller, Van Goor, Young Adult
Posted in Literatuur, Recensie | No Comments »
zondag, mei 13th, 2012
”Waar ben ik beland?” roept een kijker na het betreden van de zaal van Theater Kikker in Utrecht. De ruimte ligt bezaaid met kleding, schoenen en designertassen en een danser verkleed als vrouw neemt plaats tussen het publiek. (M)imosa – een dansvoorstelling van Trajal Harrell – is uitdagend en vervreemdend, maar zeker een aanrader voor iedereen die open staat voor vernieuwing en experimenten in dans.
Danser en choreograaf Trajal Harrell is al een aantal jaren bezig met zijn project Twenty looks or Paris is Burning at The Judson Church. Dit project bestaat uit vijf delen, waarvan (M)imosa het derde deel is. De inspiratiebronnen voor deze stukken zijn de voguing danstraditie uit de jaren ’60 en de filmdocumentaire Paris is Burning. In elke voorstelling draait het om Afrikaans-Amerikaanse, Latino, homo en transgender gemeenschappen die met mode, beweging en gedrag experimenteren.
Elkaars gelijken
Tijdens (M)imosa werkt Harrell samen met dansers Cecilia Bengolea, Francois Chaignaud en Marlene Freitas. Door te dansen, te zingen en hun levensverhaal te vertellen willen ze het publiek overtuigen dat ze alle vier Mimosa Ferrera zijn. De vier dansers zijn allen heel sterk in hun verhaal en de een doet niet onder voor de ander. Want wie is de echte Mimosa Ferrera? Mimosa Ferrera bestaat helemaal niet. Deze persoonlijkheid laat zien dat gender en identiteit veranderlijke constructies zijn.
Nepborsten en neppenis
De voorstelling begint met Freitas, die met ontblote borsten wilde bewegingen maakt, catwalkposes aanneemt en haar extensions uit haar hoofd trekt. Later zien we haar nog terug als ballerina en als Prince. Chaignaud doet zich eerst juist heel bescheiden voor, maar zingt met hoge stem een lied over ‘fucking’. Later paradeert hij in zijn tangastring en nepborsten door de zaal.
Bengolea komt in een beige morfsuit op, waarin een neppenis zit verwerkt. Op handen en hoge rode hakken verplaatst ze zich door de zaal. Harrell’s hoogtepunt is zijn solo in de vogue danstraditie en zijn betoog over tassen en kledingmerken. Hier zegt hij onder andere dat een vrouwentas als een vagina is, want “een vrouw bepaalt namelijk zelf wat er in en uit gaat“, aldus Harrell.
Sterk concept
Aan de ene kant wordt het publiek steeds vervreemd en op afstand gezet door de transformaties, nepborsten en neppenissen. Toch zorgt dit ook voor herkenning, want hierdoor komen de actuele thema’s gender, seksualiteit en ras goed naar voren. Het publiek krijgt zo echt de kans een kijkje te nemen in de voguing scene en mee te gaan in het verhaal van de dansers.
(M)imosa is niet te vergelijken met dansvoorstellingen van bijvoorbeeld het Nederlands Danstheater of Introdans. Het project van Harrell gaat veel verder dan dans alleen. Hierdoor raakt dans zelfs een beetje op de achtergrond, maar dit maakt het concept van gender en identiteit wel sterker. (M)imosa laat het publiek op een hele andere en uitdagende manier naar dans kijken.
Tags: (m)imosa, Cecilia Bengolea, dans, Francois Chaignaud, Jessie van den Heuvel, Marlene Freitas, Theater Kikker, Trajal Harrell
Posted in Recensie, Theater | No Comments »
zondag, mei 13th, 2012
Wie nog niet verliefd is en daar wel voor openstaat, hoeft alleen maar de nieuwe cd van Jason Mraz te kopen om dat gelukzalige gevoel te bereiken. De fans van de Amerikaanse singer-songwriter herkennen de relaxte stijl met vrolijke noot van de vier voorgaande albums. Voor nieuwelingen is Love is a four letter word liefde op het eerste gehoor.
De vijfendertigjarige muzikant uit Mechanicsville (Virginia), scoorde in Nederland eerder hits met The remedy, I’m yours en Lucky. Zijn roem is de afgelopen jaren flink toegenomen. Zo heeft de eerste single van zijn nieuwe album, het hoopvolle ‘I won’t give up’, inmiddels de derde plaats in de top 40 bereikt.
Muziek voor overal
Love is a four letter word is geschikt voor de vier b’s waar je het vaakst muziek draait: je bureau, bank, bed en bad. Maar ook in de auto, op de fiets of op het strand is dit ideale muziek. Dat komt enerzijds door de universele thema’s en anderzijds door de akoestische klanken die niet overheersen, waardoor het prima achtergrondmuziek is.
Lieve liedjes
Mraz leukt zijn vrolijke liedjes over de lucht, het leven en de liefde op met live elementen (‘Everything is sound’), windxylofoon (’93 million miles’), gefluit (‘Living in the moment’) en een hoop lalala. Dat geeft zijn songs iets ontwapenends, waardoor je makkelijk meegaat in zijn positivisme. Het wekt het gevoel van verliefdheid op en een glimlach is moeilijk te onderdrukken.
Zijn liedjes geven ook hoop tijdens eenzame momenten. Een voorbeeld is het lieve ’93 Million Miles’: “Every road is a slippery slope /There is always a hand that you can hold on to. / Looking deeper through the telescope / You can see that your home’s inside of you.”
Live
De nummers zijn lief, de muziek klopt en de balans tussen rustige en up tempo nummers is goed. Maar net zoals je de liefde pas echt voelt als je in elkaars armen ligt, komen de woorden van Mraz pas echt aan tijdens een live performance. Dat weet je als je ook de live cd’s beluistert die hij heeft uitgebracht of eens een optreden van hem hebt bijgewoond.
Gelukkig komt hij 22 november naar Ziggo Dome in Amsterdam. De vraag is of hij daar de intimiteit van de cd weet te behouden en tegelijkertijd meer energie kan overbrengen op het publiek. Tot dat moment kun je in ieder geval genieten van dertien opgewekte liedjes en online toegang tot meer liedjes. Mraz maakt verliefd. Leve de liefde!
Tags: amerikaanse, Gitarist, Jason Mraz, Love is a four letter word, singer-/songwriter, zanger
Posted in Muziek, Recensie | No Comments »
zaterdag, mei 12th, 2012
Paulien Cornelisse was nog niet klaar na het schrijven van de bestseller Taal is zeg maar echt mijn ding. Vandaar dat ze een tweede taalboekje heeft samengesteld. In En dan nog iets heeft ze opnieuw haar columns voor nrc.next en het Wereldomroep programma Klare Taal gecombineerd met verse analyses van het taalgebruik van Nederlanders. “Niet over hoe mensen met elkaar zouden moeten praten, maar over hoe ze dat per ongeluk doen.”
Er is niets zo veranderlijk als een mens, luidt het spreekwoord. Cornelisse bewijst dat taal zeker op de tweede plaats staat. In haar tweede taalanalyse-pocket beschrijft ze aan de hand van gevatte columns en quotes het taalgedrag van de Nederlander anno 2012. Dit jaar zijn er hele andere woorden ‘in’. Bijvoorbeeld de term ‘feunen’, de nieuwe term voor ‘chillen’.
Cornelisse is heel duidelijk over dat nieuwe woord: ‘Bijna altijd als iemand expliciet zegt welk woord je dient te gebruiken, wordt dat woord het niet. Taal laat zich nu eenmaal niet makkelijk sturen. Alleen de woorden die er stiekem insluipen mogen blijven.’ Het register achterin het boekje helpt je om bepaalde anekdotes over woorden die in- of expliciet toegevoegd zijn aan onze woordenschat, eenvoudig terug te vinden.
Andere kijk
De teksten worden afgewisseld met tekeningetjes van pratende dieren. De uitlatingen die zij doen hoorde Cornelisse op straat. ‘Geuit door u. Waarvoor dank’, schrijft ze in het voorwoord.
Toch is En dan nog iets niet simpelweg een optekening van uitspraken van een voorbij wandelende medemens. De vlotte schrijfster geeft namelijk ook vaak genoeg haar mening of uitleg over hetgeen ze heeft opgevangen, wat een andere kijk op ingeburgerde dingen kan opleveren. Bijvoorbeeld in de anekdote over eenzaam activisme waarin ze het maken van protest- en of aanmoedigingsborden toelicht.
‘Zulk soort borden, ik ben er dol op. […] Het maken van zo’n bord is waarschijnlijk vooral bedoeld voor de maker zelf. Er is grote irritatie, of woede. En die moet opgelost worden, maar dat kan niet, want je kunt er niets aan doen. […] Ook wel eens gezien, achter een raam: HONDEN, HIER NIET KAKKKEN!!! Voor het geval dat de honden die kunnen lezen, toevallig ook de honden zijn die altijd voor je deur kakken.’
Pageturner
Kenmerkend voor Cornelisse is dat ze na de uitleg van een woord of uitdrukking, het gebruik ervan in zijn meest extreme vorm laat zien en er op die manier een hilarische draai aan geeft. Ze gaat soms zo gedetailleerd op een woord in dat dát al een grappig verhaal oplevert, waardoor je na elk verhaaltje met een glimlach aan het volgende begint. De korte hoofdstukjes zorgen ervoor dat je heel makkelijk doorleest, maar bieden ook de mogelijkheid om het boekje tussendoor of voor het slapengaan er even bij te pakken.
Het is dan ook niet moeilijk om te voorspellen dat En dan nog iets, waarvan Cornelisse wederom de voorkant zelf heeft getekend, ‘nu met een blauwe Mitsubishi Uni-ball Eye Fine’, een bestseller gaat worden. En hoewel Cornelisse het boek afsluit met het zeer toepasselijke ‘EINDE.’, zullen haar oplettende karakter en scherpe pen een derde deel hoogstwaarschijnlijk niet kunnen weerstaan.
Tags: boekrecensie, En dan nog iets, feunen, Marjolein Theunissen, Paulien Cornelisse, Recensie, Taal is zeg maar echt mijn ding, taalanalyse, taalpurist, Uitgeverij Contact
Posted in Literatuur, Recensie | No Comments »
zaterdag, mei 12th, 2012
De ondertitel van het nieuwe boek van de Engelse schrijfster Kate Colquhoun belooft ‘het sensationele verslag van de eerste treinmoord in Engeland’. Het boek bevat echter tweehonderdtachtig pagina’s historische feiten en nog eens ruim dertig pagina’s aan verantwoording. Doordat de treinmoord tot op microniveau wordt uitgeplozen gaat de sensatie compleet verloren.
Colquhoun komt redelijk snel tot de misdaad; een moord op een welgestelde heer in één van de eerste treincoupés die Engeland eind negentiende eeuw doorkruisten. Daarna neemt ze uitvoerig de tijd om de verschillende betrokkenen en al dan niet doodlopende sporen te beschrijven.
Irritatie
Er zit een constante spanning in de tekst, alsof er in de volgende zin een tipje van de sluier zal worden opgelicht. Maar telkens sluit het hoofdstuk af met nog meer vragen en onduidelijkheden. Op den duur gaat dat irriteren. Als lezer verwacht je na het lezen van de achterflaptekst een spannende thriller die is onderbouwd met historische feiten. Je leest echter een historisch verslag, dat over een spannend voorval gaat. Niet de moord en het vinden van de dader staan centraal, maar hoe de samenleving reageerde op deze eerste treinmoord.
De rol van de media
Dat de pers en het corrupte politieapparaat een zeer invloedrijke rol hadden in het bepalen van de opinie van het volk is interessant om te lezen. In die zin is De hoed van de heer Briggs bijna een beschouwing op de informatievoorziening in de snel veranderende negentiende eeuw. De berichtgeving in de kranten had namelijk al snel een weerslag in de literatuur. De extreme wandaden werden gebruikt als onderwerp van zogenaamde ‘krantenromans’ of ‘sensatieromans’. Dit soort boeken wees indirect op de scheuren in het Victoriaanse ideaal. Colquhoun schrijft daarover:
‘Critici waren gealarmeerd door zowel hun gebrek aan terughoudendheid als door hun neiging “ons denken en onze rede te verdoven”, ze beschouwden ze als een inferieure vorm van fictie en hekelden ze als de “gruwel van deze tijd”.’
Terug in de tijd
Colquhoun is er door haar zeer beschouwende en gedetailleerde manier van schrijven wel in geslaagd om de lezer helemaal op te kunnen laten gaan in de tijd waarin de heer Briggs leefde en werd vermoord. Je ruikt de paardenpoep die over de Londense straten is uitgesmeerd en je ziet de politieagenten, die het forensisch onderzoek nog moesten uitvinden, verwoed ijsberen door het drukke politiebureau.
Belofte maakt schuld
De hoed van de heer Briggs is ontzettend nauwkeurig samengesteld, wat zowel positief als negatief heeft uitgepakt. Enerzijds kun je je daardoor helemaal inleven in het Victoriaanse Engeland dat scheuren begint te vertonen, anderzijds gaat de sensatie van de zoektocht naar de moordenaar verloren. Als de achterflap een andere boodschap had verkondigd, was de beleving anders en waarschijnlijk positiever geweest. Nu voel je je als lezer bedonderd door de geschiedenisleraar die had beloofd een spannend verhaal te vertellen. Jammer, want potentie heeft Colquhoun zeker wel.
Tags: boekrecensie, coupé, De hoed van de heer Briggs, Engeland, Kate Colquhoun, Marjolein Theunissen, Recensie, treinmoord, uitgeverij Mouria
Posted in Literatuur, Recensie | No Comments »