Regisseur Janneke de Haan: “Ik wil onderwerpen aankaarten waar men niet zo gemakkelijk over spreekt”
Door: Rozemarijn Strubbe
Regisseur Janneke de Haan zat vanaf haar dertiende op de Jeugdtheaterschool in Leeuwarden, volgde daar de regieschool en gaat in september naar het derde jaar van de regieopleiding aan de Hogeschool voor de Kunsten in Amsterdam. Nu maakt ze als jonge maker bij productiehuis ‘n Meeuw de voorstelling Blackbird naar het gelijknamige stuk van de Schotse schrijver David Harrower. De voorstelling gaat op 8 september in première. CultuurBewust.nl sprak Jannek de Haan voor aanvang van het repetitieproces.
In Blackbird ontmoeten Ray en Una elkaar in een verlaten bedrijfskantine. Hij is midden vijftig, zij eind twintig. Vijftien jaar geleden hadden ze een verboden relatie die abrupt beëindigd is. Sindsdien hebben ze elkaar niet meer gezien. Una vindt dat het moment is gekomen voor een onverwachte confrontatie en besluit Ray op te zoeken op zijn werk. Wat begint als een vastberaden poging om schoon schip te maken met haar verleden wordt een verwarrend weerzien met Ray. Daarin wordt duidelijk welke impact de gebeurtenissen op hun levens heeft gehad.
Wat voor soort theater wil jij graag maken?
”Voor mij moet theater via thematiek en vorm de mens uitdagen om op een anders dan gebruikelijke manier naar de wereld te kijken. Ik wil onderwerpen aankaarten waar men doorgaans niet zo gemakkelijk over spreekt, omdat er bijvoorbeeld een taboe op heerst. Ik vind het heel belangrijk om als theatermaker altijd iets te zeggen over de tijd waarin wij leven. Daarbij moet theater vragen stellen en absoluut geen kant en klare antwoorden geven, omdat het publiek deze veel te gemakkelijk naast zich neerlegt. Er moet ruimte overblijven voor de toeschouwers om zelf na te denken en wat ze hebben gezien te koppelen aan hun eigen leven.”
Wat is daarbij jouw inspiratiebron?
”De film American Beauty is in alle facetten een voorbeeld van hoe ik vorm en inhoud in het theater wil brengen. De film laat de tragiek van het menselijke alledaagse zien. Het bevat taboes en moeilijke sociale onderwerpen. Qua vorm is de film een vorm van realisme, wat op sommige momenten ontzettend uitvergroot wordt. Hierdoor ontstaat er een poëtische laag. Bijvoorbeeld de rozenblaadjes die uit de lucht vallen. Ik houd van realisme, maar ook van het absurde; twee stijlen die in het theater goed gecombineerd kunnen worden.”
Waarom heb je gekozen voor het stuk Blackbird van David Harrower?
”Dit stuk spreekt mij zowel qua inhoud als vorm erg aan. Het stuk is prachtig geschreven. De spreektaal heeft een poëtisch tintje. De hakkelige zinnen passen bij mensen die niet weten wat ze tegen elkaar moeten zeggen. Thematisch is het natuurlijk erg actueel; in de media zijn er talloze verhalen over te lezen. Het is heel belangrijk om als theatermaker dit soort onderwerpen aan te kaarten. Deze situaties liggen altijd gecompliceerder dan op het eerste gezicht over wordt gedacht en gezegd. Het onderwerp wordt altijd heel zwart-wit neergezet, wat een gesprek erover onmogelijk maakt.”
“Door er een voorstelling over te maken wil ik laten zien hoe zo’n relatie kan ontstaan. Hoe zoiets kan gebeuren. Gevoelens zijn niet altijd in hokjes te plaatsen. Dat wil niet zeggen dat ik het goedkeur. Het is natuurlijk hartstikke fout en zou nooit mogen gebeuren. Vanuit theatraal perspectief is het alleen niet interessant om het daar over te hebben. Het is juist interessant om de ingewikkelde situatie te tonen. Het publiek kan hier dan zelf een mening over vormen.”
Waarom heb je het gebouw van de Leeuwarder Courant als locatie gekozen?
”Ik zocht naar een ruimte waar Ray zich kon verstoppen. Hij wil zo onzichtbaar mogelijk door het leven gaan. Nu kun je je verstoppen op een onbewoond eiland waar niemand je ziet, maar je kunt je ook juist tussen de mensen verschuilen. Ray doet dat op zijn werk, een kantoor waar veel mensen dag en nacht werken.”
“De mooiste tegenstelling is dat Ray een plek zoekt waar niemand hem met Una kan zien, maar dat de locatie dit onmogelijk maakt. De wanden zijn van glas en het pand staat naast een grote weg, met een groot parkeerterrein, midden in het centrum van de stad. Iedereen kan hen zien, waardoor de personages zich beiden niet op hun gemak voelen.”
Janneke startte maandag 9 juli met de repetities van Blackbird.
Volg de ontwikkelingen op www.meeuw-jts.nl
Gepubliceerd op: 17-07-2012








