Puccini, Verdi en Mascagi tillen TWOOLS at the Opera naar een hoger plan
Door: Nathalie Hoogeveen
Jaarlijks sluit het Rotterdamse Scapino Ballet het theaterseizoen af met een 75-minuten durend non-stop dansspektakel. Voor de twaalfde editie van TWOOLS is gekozen voor een bijzondere inspiratiebron: opera. Samen met de operamuziek van o.a. Verdi, Puccini en Bellini tilt het Scapino Ballet de voorstelling naar een hoger niveau. Dit maakt TWOOLS at the opera tot een meeslepend drama om volop van te genieten.
Uniek concept
In 1999 bedacht Ed Wubbe, choreograaf en artistiek leider van het Scapino Ballet, een totaal nieuw concept: TWOOLS. Voor deze jaarlijks terugkerende dansvoorstelling zetten verschillende choreografen van binnen en buiten het gezelschap een korte choreografie in elkaar. Deze worden doorgaans door Wubbe aan elkaar geknoopt, vaak onderbroken door snelle decorwisselingen. TWOOLS begon als experiment, maar resulteerde de afgelopen jaren al in afwisselende, high-speed voorstellingen.
Een van de uitgangspunten van deze terugkerende afsluiting van het dansseizoen is talentontwikkeling. De afgelopen jaren nodigde het Scapino Ballet maarliefst veertig verschillende Nederlandse choreografen uit voor TWOOLS. Velen van het stonden aan het begin van hun carrière en kregen op deze manier een kans om door te breken.
Opéra de Danse
Voor deze editie van TWOOLS is gekozen voor het overkoepelende thema ‘opera’. Aanleiding voor dit thema zijn de Rotterdamse Operadagen, die deze week plaatsvinden en de stad verblijden met prachtige aria’s. Vijf choreografen (Ed Wubbe, Loïc Perela, Lucas Jervies, Hans Tuerlings en Allesandro Pereira) stelden zich in dienst van dit voorstellingsconcept. Tuerlings regisseerde de voorstelling en maakte van het werk van de choreografen een spannend en afwisselend geheel. Samen met alle dansers van Scapino, snel wisselende decors en de mooiste muziek uit verschillende opera’s maken zij TWOOLS at the opera tot een groots en meeslepende ‘opéra de Danse’.
Dramatisch
De toeschouwer van TWOOLS wordt meegesleurd in het drama en de intriges die de prachtige operamuziek hem doet geloven te zien. Naast het samenspel van muziek en dans bevat de voorstelling ook de nodige (en soms onnodige) tekst in het Engels. Een van de danseressen onderbreekt de aparte choreografieën steeds op een komische en (bewust) slecht geacteerde manier. Het verhaal dat ze vertelt gaat over een beraamde moord op ‘de dans’. Toch werkt haar inleiding averechts: omdat ze Engels spreekt en de andere dansers de aandacht vaak van haar verhaal afleiden, zorgt dit zo nu en dan juist voor een vervreemdend effect.
Mede dankzij de decors van Hans Wap, die vooral indruk maken in hun eenvoud, wordt de mysterieuze en soms lugubere sfeer die bij een moord hoort duidelijk. De muziek en de choreografie slepen de toeschouwer mee in die sfeer. De dansers trekken elkaar aan en stoten elkaar af, hun bewegingen zijn soms strak, soms theatraal.
Choreografie
De hand van de vijf verschillende choreografen is duidelijk terug te zien. Telkens wanneer de muziek verandert, maakt de toeschouwer kennis met een andere stijl die in de loop van de voorstelling steeds terug komt. Van ronde, zachte lijnen tot trillend bewegende danseressen die hun hoofd onder het shirt hun mannelijke partner houden: de voorstelling is één grote verzameling van moderne dansstijlen. Toch zijn deze kenmerkende stijlen passend verwerkt in de voorstelling en sluiten ze mooi aan bij de operamuziek. Omdat de bezoeker steeds iets anders te zien krijgt gaat TWOOLS at the opera niet snel vervelen.
Groots
Fragmenten uit de mooiste opera’s komen voorbij. Wanneer het even stil is dringt pas door hoe mooi het samenspel is tussen de dansers, de choreografie en de grootse muziek die voor een theatraal effect zorgt. Deze combinatie van muziek en dans maakt van TWOOLS at the opera een meeslepende voorstelling die in een moordend tempo voorbij raast.
Gepubliceerd op: 03-06-2010








