mei
23

Door:

Theun Plantinga is een Friese cabaretier die in zijn voorstelling Grutte Jonge (Grote Jongen) viert dat hij al tien jaar in het vak zit. Naar eigen zeggen is het een voorstelling vol kitsch, kolder en kleinkunst. Plantinga mixt in zijn eerste solovoorstelling verschillende theatervormen door elkaar, zoals cabaret, serieus toneel en muziek. In anderhalf uur loodst hij zijn publiek door meer dan tien jaar theater. Het is de bedoeling dat zijn publiek hem na het verlaten van de zaal een beetje beter kent.

Theun weet vanaf het eerste moment de lachers op zijn hand te krijgen door als Jappie de Vries van het Dorpskompas de zaal binnen te stormen. Een wat knullige, dorpse verslaggever met Fries accent uit Veenwouden; het dorp waar Theun ook is opgegroeid. Jappie geeft het publiek al wat broodnodige informatie en de toon is gezet.

Veel typetjes
Jappie is één van de vele typetjes die voorbij komen in de voorstelling. Plantinga gebruikt deze verschillende typetjes om zijn verhaal te vertellen. Het zijn mensen (of dieren) die op een of andere manier in Theun zijn leven voorbij zijn gekomen. Hij begint met zijn debuut als acteur in de kerk, en eindigt uiteindelijk als de Theun van nu. Ieder typetje van Theun heeft een functie en het is een goede vondst om deze personen zijn levensverhaal te laten vertellen. Hoewel niet ieder typetje even sterk is, zorgt het er wel voor dat er vaart in het stuk zit.

Gedurende de hele voorstelling blijkt Plantinga de gave te hebben zijn publiek te betrekken bij zijn voorstelling. Hij spreekt de toeschouwers voortdurend aan en betrekt ze af en toe ook in zijn spel. Verfrissend aan Plantinga is dat hij dit niet doet om zijn publiek voor gek te zetten, maar meer om even het ijs te breken.

Rond verhaal
Dat Plantinga veel acteerervaring heeft wordt tijdens deze voorstelling absoluut duidelijk. Moeiteloos transformeert hij van het ene typetje naar de ander. Het is niet Theun die daar op het podium staat, maar Arno de homofluisteraar of de wat simpele fan Ietsje die in een fabriek aan de lopende band werkt. Het verhaal wordt compleet door de mooie, gevoelige liedjes (waarvan één Friestalig) die hij samen met andere componisten schreef (o.a. Sytse Broersma van De Kast). Anders dan de meeste cabaretiers blijkt Theun ook nog eens te beschikken over een mooie, warme stem.

Theun Plantinga is een cabaretier die geen platte of grove humor nodig heeft om de aandacht van zijn publiek vast te houden. Met zijn lange, wat slungelige gestalte en zijn goed uitgedachte en gespeelde typetjes blijft hij de toeschouwer boeien. Als de voorstelling uiteindelijk is afgelopen, is het verhaal rond. Iedere persoon die in de zaal zat heeft Theun inderdaad een beetje beter leren kennen. Ze zullen ook beseffen dat zo’n ‘grutte jonge’ een veel groter publiek verdient.

Gepubliceerd op: 23-05-2012

Facebook reacties