De Young Makers onderzoeken dans vooral voor zichzelf

Georgia Varadrou, Hardcore Research on Dance, 2012, Springdance 2012. Recensie

mei
15

Door:

In de Young Makers Marathon, te zien op Springdance, presenteren studenten van de SNDO (School voor Nieuwe Dansontwikkeling, Amsterdam) en P.A.R.T.S. (Performing Arts Research and Training Studio’s, Brussel) hun werk. Onderzoek naar dans en zichzelf is de rode draad die hen verbindt. De uitkomsten van deze onderzoeken zijn niet erg toegankelijk, en lijken soms alleen voor insiders gemaakt te zijn.

Tijdens de Young Makers Marathon krijgt het publiek in vier uur tijd vijf stukken te zien. De choreografieën vinden plaats op verschillende locaties in het gebouw. Bij binnenkomst is al duidelijk dat deze voorstelling niet voor het grote publiek is. Er wordt onderling met elkaar gesproken, vrijwel uitsluitend Engels, over bekenden die straks gezien gaan worden. De combinatie van excentriek en comfortabel in de kledingkeuze van het publiek doet vermoeden dat we hier omgeven zijn door jonge dansers en dansmakers. Er heerst een hoog ‘ons kent ons’-gehalte. De middag begint met choreografieën van Lehtovaara en Ferreira Silva, Vardou, Riebeek en de Keersmaeker. Je sluit vervolgens de marathon af met een keuzemogelijkheid: Emma Daniel, of Florentina Holzinger.

Bewegingsonderzoek
Georgia Vardarou heeft zichzelf voor het maken van Hardcore on Dance interessante vragen gesteld. ‘Waarom beweegt mijn lichaam zoals het beweegt? Welke selectie van bewegingen maakt mijn lichaam?‘ We zien haar vijfentwintig minuten op het podium verschillende bewegingen maken: stappen, springen, draaien, rollen, lopen. Soms zijn haar bewegingen hoekig en snel, op een ander moment juist traag en groots.

Vardarou is een interessante danseres met een niet-alledaags bewegingsvocabulaire, maar het is zonde dat het niet een stapje verder gaat. De theorie, de vragen die Vardarou zichzelf stelt, en de praktijk, haar bewegingen en de voorstelling, lijken los van elkaar te staan. De aansluiting tussen de vragen en de bewegingen wordt niet duidelijk, en daardoor mist ze de connectie met het publiek.

Het stemmetje in je hoofd
Ook Emma Daniel bevraagt zichzelf voor haar La Petite Voix, vertelt de flyer. ‘Wat als je naar het stemmetje in je hoofd zou luisteren?’ Het is een korte voorstelling van tien minuten waarin al Daniels bewegingen worden begeleid door een man die een microfoon dicht bij haar lichaam houdt en haar bewegingen volgt. Op de achtergrond is de opname van een stem te horen.

Haar bewegingen zijn zacht en klein, haast alsof ze in trance is. Soms neemt ze het ritme van de tekst mee in haar bewegingen. Ze maakt geen grote bewegingen, maar kronkelt met haar lichaam. Haast alsof ze niet echt voluit mag dansen. Het is niet altijd duidelijk of de microfoon haar volgt, of juist leidt. Ook haar onderzoek komt niet heel duidelijk naar voren in het stuk. Dat heeft onder andere te maken met het feit dat de stem die haar begeleidt Frans spreekt. Hierdoor gaat een belangrijk uitgangspunt van de voorstelling, het luisteren naar het kleine stemmetje in je hoofd, voor een groot deel van het publiek verloren.

Ontbrekende schakel
Dans is een abstracte kunstvorm die niet altijd letterlijk genomen moet worden en ruimte laat voor vrije interpretatie. Wanneer flyerteksten op zo’n manier aanspraak maken op je ratio verwacht je echter ook dat dit in de voorstellingen terug te zien is, maar die connectie mist. Jezelf vragen stellen als dansmaker is essentieel om te blijven vernieuwen, maar in hoeverre moet dit op het podium? De Young Makers Marathon heeft humor, mooie dans en interessante vraagstukken, maar de insidersfeer is voelbaar in de stukken. Het publiek mag slechts een klein beetje proeven van de onderzoeken die de jonge choreografen hebben gedaan. En dat wekt in dit geval geen nieuwsgierigheid op, maar onvrede.

Gepubliceerd op: 15-05-2012

Facebook reacties