Mondriaan, Breitner en Chagall zij aan zij in het Joods Historisch
Door: Tessa den Otter
Het Joods Historisch Museum in Amsterdam toont dit voorjaar met haar tentoonstelling Gedurfd Verzamelen, van Chagall tot Mondriaan drie prachtige uitzonderlijke Joodse collecties contemporaine kunst van rond 1900. Aan de hand van deze tentoonstelling laat het museum zien dat deze drie verzamelaars een belangrijke rol in het ontdekken en verzamelen van contemporaine kunst in Nederland hadden.
Na overrompeld te zijn door de huidige tentoonstelling van ‘de buren’ Matisse tot Malevich in De Hermitage en te denken alle grote pioniers van het modernisme te hebben gehad, is niets minder waar. Direct om de hoek, bij het Joods Historisch Museum wordt iedere verwachting van de moderne kunstliefhebber wederom overtroffen. Paul Klee, Piet Mondriaan, Marc Chagall, Georges Breitner, Isaac Israëls, Leo Gestel en andere grootheden onder één klein, helaas ietwat onderbelicht, dak.
Deze kunstenaars werden begin twintigste eeuw verzameld door drie Joodse kunstliefhebbers; Andries van Wezel (1856-1921), Willem Wolff Beffie (1880-1950) en Salomon Slijper (1884-1971). Dit drietal wordt informatief uitgelicht door het tonen van een selectie uit hun verzameling. De persoonlijke voorkeur van elk van de verzamelaars komt duidelijk naar voren. Uit Wezels verzameling is Georges Breitners Damrak te Amsterdam te zien. Uit Beffie’s verzameling is Marc Chagall’s Violist en uit Slijpers verzameling Mondriaans Zelfportret te bewonderen. Dit is een optelsom van een bijzondere en verrassende combinatie van een groot aantal kunstwerken. Gezien dit grote aantal hangen de werken erg dicht op elkaar en de ruimte is naar mijn mening dan ook te klein. Sommige stukken hebben meer ruimte nodig om het best ‘ uit de verf ’ de komen.
In de loop van de twintigste eeuw is de collectie van Beffie uiteen gevallen. Dankzij particuliere documenten kon het Joods Historisch Museum zijn verzameling reconstrueren en opsporen in musea wereldwijd. Gelukkig bleef de collectie van Van Wezel intact door een nalatenschap aan het Rijksmuseum. Ook Slijpers’ omvangrijke verzameling bleef in Nederland bijeen doordat hij deze naliet aan het Gemeentemuseum Den Haag.
Het drietal had de missie om betrekkelijk onbekende kunstenaars te bewonderen, (financieel) te ondersteunen en aan te kopen. Deze kunstenaars waren grondleggers van stromingen uit de moderne kunst, zoals de Haagse School, Amsterdams impressionisme en internationaal modernisme. Inmiddels zijn zij bijna allemaal internationaal gewaardeerde kunstenaars. Als visionairs gedroegen de verzamelaars zich voor die tijd behoorlijk tegendraads: aankopen werden door anderen gezien als een ‘grap’, vooral de betrekkelijk ‘ongewone’ schilderijen van Marc Chagall werden vol onbegrip en afschuw bekeken. In tegenstelling tot tijdgenoten die liever bleven bij het verzamelen van klassieke schilderkunst, durfden deze drie verzamelaars te kiezen voor nieuwe onbekende namen met een onbekende voorstelling, compositie en uitdrukking.
In het midden van de tentoonstellingruimte wordt een film vertoond welke zowel informatief als vermakelijk is. Het plaatst de getoonde werken in een historische context. Jammer is dat aanvullende achtergrond informatie over de inhoud van de kunstwerken zelf minimaal is. Er wordt meer nadruk gelegd op de verbinding en historie van alle kunstwerken dan op de inhoud van de stukken zelf.
Gedurfd Verzamelen is een must-see, niet alleen voor liefhebbers van avant-garde kunst. Het geeft ook een historische context van de Joodse verzamelaars in Nederland begin twintigste eeuw. Bovenal is dit een grote reeks meesterwerken die iedere kunstliefhebber van dichtbij moet hebben gezien.
30-05-2010





