Avant-gardes ’20 | ’60: Overzicht der vooruitstrevenden
Door: Nynke Besemer
Alvorens het Stedelijk Museum Amsterdam heropent is een deel van haar collectie nog eenmaal te gast in het Van Gogh Museum, waar van 26 juni t/m 23 augustus 2009 de tentoonstelling Avant-gardes ’20 | ’60 plaatsvindt. Circa 70 kunstwerken laten zien hoe kunstenaars in de jaren ’20 en ’60 van de twintigste eeuw tegen de gevestigde orde in gingen en tevens de term ‘kunst’ ter discussie stelde.
De tentoonstelling splitst zich in twee verdiepingen op en begint op de begane grond in het Europa van de twintiger jaren. Door middel van experimenten en het gebruik van nieuwe media probeerden de kunstenaars te reageren op de veranderingen van hun tijd. Dit werd gedaan op diverse manieren, waardoor er zowel schilderijen, foto’s, meubels als maquettes te zien zijn. Zo hangen er onder andere schilderijen van Picasso, Malevich en Mondriaan, maar bijvoorbeeld ook een affiche van een DaDa-beurs. Vooral fotografie werd gezien als het perfecte middel om de nieuwe wereld weer te geven.
De wijze waarop en de reden waarom de kunstenaars reageerden op de samenleving verschilde sterk. Deze diversiteit zorgde voor uiteenlopende stromingen binnen de kunst en een gevarieerde selectie kunstwerken op deze tentoonstelling. Aangezien deze stromingen vaak plaats- en tijdafhankelijk waren is er een poging gedaan om de tentoonstellingsruimte te ordenen.Tevens wordt er in de tekst bij de werken uitgelegd waarom het werk bij een bepaalde stroming hoort. Toch zou enige voorkennis over de maatschappij in die tijd helpen om de opzet beter te begrijpen.
Op de eerste verdieping, waar de tentoonstelling verder gaat met werken uit de jaren ’60, kan je, net als op de begane grond, in één oogopslag zien in welke plaats en in welk jaar de kunstwerken gemaakt zijn. Doordat kunstenaars in deze tijd veelal op dezelfde manier als in de jaren ’20 werkten – met abstractie, monochroom, collage en assemblage – worden de kunstenaars neo-avant-gardisten genoemd. Toch zijn er ook verschillen. Zo staat de kunst in de jaren ’60 minder in dienst van maatschappelijk ideeën. Hier is ook kunst uit de Verenigde Staten te zien; het Stedelijk Museum was namelijk een museaal doorgeefluik tussen de VS en Europa in de jaren ‘60. Van videokunst van Robert Morris tot een zaag van Claes Oldenburg, de tentoongestelde werken vormen een gevarieerd totaal.
Doordat het Stedelijk zich al vanaf de jaren ’30 op de moderne kunst en fotografie richtte heeft zij een degelijke en gevarieerde collectie, waarvan hier slechts een klein deel te zien is. Ook de vele eigentijdse tentoonstellingen die het Stedelijk sinds de dertiger jaren organiseerde hebben ertoe geleidt dat het museum vroeg aankopen deed van opkomende kunstenaars en volgens eigen zeggen één van de belangrijkste collecties moderne kunst en vormgeving ter wereld bezit.
De tentoonstelling Avant-gardes ’20 | ’60 wordt afgesloten met een maquette, foto’s en 3D-animaties van het nieuwe Stedelijk Museum. Volgens directeur Gijs van Tuyl, te zien in de documentaire ‘Building the Stedelijk’, wordt het nieuwe museum een “visueel spektakel”. De heropening van het museum zal wegens vertraging van de bouwwerkzaamheden pas in maart of april 2010 plaatsvinden. Tot die tijd zullen we ons tevreden moeten stellen met de gastvrijheid van het Van Gogh Museum en genieten van een prachtige selectie Avant-garde kunst.
03-08-2009




