De grote ogen van Kees van Dongen schetst verleidende inleefbare tijdsbeelden
Door: Rike Blom
De grote ogen van Kees van Dongen is een overzichtstentoonstelling die het gevoel van Van Dongens tijd en zijn verblijfplaats weergeeft in omgekeerde volgorde; van oud naar jong. Elke episode uit zijn leven heeft een eigen stijl met karakteristieke kenmerken. De terugkomende verrukkende kleurstelling en de exotische vrouwen die Van Dongen afbeeldt, verleiden je om de kunstenaar beter te leren kennen.
Kees van Dongen (1877-1968) is geboren in Delfshaven en gestorven in Monte Carlo. Het zijn deze locaties die telkens terugkomen in de getoonde kunstwerken. “Op een goede dag voelde ik plotseling dat ik moest gaan schilderen. (…) En nu ben ik beroemd, dat is alles.” Maar zoals te zien is in de tentoonstelling De grote ogen van Kees van Dongen in Museum Boijmans van Beuningen is dat zeker niet alles. Hier worden de verschillende kanten van Van Dongen als hardwerkende succesgenieter belicht.
Cocktails
De grote ogen van Kees van Dongen is een overzicht van ongeveer zestig kunstwerken die tijdsbeelden weerspiegelen, beginnend bij de meest recente. Elke periode van Van Dongens leven kent een eigen stijl. Zo maakt Van Dongen rond 1911, in de hoogtijdagen van het kubisme, een aantal exotische reizen. De rijke decoraties die hij er ziet in onder andere textiel inspireren hem en lijken door de kleurige motieven nauw verbonden met het kubisme. Wanneer hij terugkomt, werkt hij dit uit in zijn atelier in de beroemde schilderswijk Montparnasse in Parijs, waar op dat moment de Parijse avant-garde gekostumeerde feesten viert met jazzmuziek. Dit zijn onderwerpen die Van Dongen graag gebruikt in zijn werk, omdat hij zich in deze kringen begeeft. De charme van dit tijdperk is dat alles gemengd en gecombineerd mag worden, volgens Van Dongen net als een cocktail. Dit is ondermeer te zien bij Vinger op de wang (1910) waarbij een vrouw met grote ogen een felgekleurde en rijk gedecoreerde sjaal met een exotisch patroon draagt.
Verleidelijke vrouwen
Vooral de verleidelijk geportretteerde vrouwen zijn hoogtepunten met hun indringende grote ogen, waar de tentoonstelling zijn titel aan ontleend. De kunstenaar heeft zijn vrouw Guus ook meerdere malen afgebeeld. Het schilderen van de dansende avant-garde en het verbeelden van vrouwelijk schoon zijn modische onderwerpen. Bij Femme au fond Blanc (1912) is dit interessegebied van Kees van Dongen duidelijk zichtbaar, het stelt een vrouw voor in een lange Paul Poiret-achtige jurk met een hoge taille.
Omgekeerde chronologie
Om Van Dongens verschillende stijlen te tonen wordt een groot deel van zijn carrière weergegeven. Een chronologisch overzicht van jong naar oud had nog meer duidelijkheid gegeven; de ontwikkeling die hij doormaakt in zijn schilderkunst zou dan ook te zien zijn. Pas aan het einde van de eerste zaal wordt een van zijn eerste werken getoond. Het bonte paard met grauwe waterblauwtinten maakte Van Dongen rond zijn achttiende levensjaar toen hij in Delfshaven vlakbij een haven woonde. Wanneer Van Dongen dit schilderij in 1907 terugvindt in zijn ouderlijk huis, werkt hij de achtergrond verder uit en bestempelt het daarna als een icoon van zijn kunstenaarschap.
Verschillende technieken
Er wordt relatief weinig verteld over waarom Van Dongen zoveel verschillende technieken gebruikt voor zijn kunstwerken. Het wordt in het midden gelaten waarom hij als jongere schetst op een voornamelijk gekarikaturiseerde wijze en later als fauvist, toetsend schildert zoals de postimpressionistische Van Gogh.
Het is de veelzijdigheid van de artiest die de tentoonstelling boeiend maakt voor een breed publiek. De volgorde van opstelling en de informatie die Boijmans van Beuningen biedt is wat onduidelijk maar dat mag de schoonheid van de tijdsbeelden die Van Dongen schetst niet drukken. De aantrekkingskracht van Van Dongens schilderijen is groot.
20-10-2010
« Vorige | Volgende »







