Jonge choreograaf Cecilia Lis Eliceche: “Dansen is iets waar ik mijn fantasie in kwijt kan”

CeciliaLisaEliceche Interview

apr
24

Door:

In samenwerking met de dansopleidingen P.A.R.T.S (Brussel) en SNDO (Amsterdam) geeft Springdance twaalf jonge choreografen de kans hun werk te tonen aan het grote publiek. Een van deze choreografen is Cecilia Lis Eliceche. In een interview met CultuurBewust.nl vertelt zij over haar werk en haar deelname aan het Springdance Festival 2012.

Kun je in één of twee zinnen uitleggen waar je choreografie over gaat?
“Cow’s theory gaat over samenzijn en samenwonen onder strenge sociale regels. Het gaat ook over het vinden van nieuwe mogelijkheden om te bewegen door letterlijk met elkaar in contact te zijn, waardoor je de hele tijd van elkaar afhankelijk bent.”

Wat vind je ervan dat je jouw stuk mag laten zien aan het publiek van het Springdance Festival 2012?
“Dit is de eerste keer dat ik Cow’s Theory laat zien aan een Nederlands publiek. Ik ben erg benieuwd hoe het ontvangen wordt en naar de feedback die ik krijg op de dans.”

In de omschrijving van de choreografie staat als eerste principe ‘always be literally in touch’. Wat bedoel je precies met deze woorden en wat betekenen ze voor je dans?
“In deze tijd, waarin de virtuele wereld steeds sneller groeit en we te maken hebben met economische zeepbellen, wil ik terug naar het lichaam. Elkaar letterlijk aanraken waardoor je geen andere keus hebt dan te onderhandelen in wat je doet. We gebruiken deze beperking om de natuurlijke manieren van beweging uit te dagen. Op die manier kunnen er dingen gedaan worden die voor een individu niet mogelijk zijn. We worden bewust van het feit dat we afhankelijk zijn, dat we anderen beïnvloeden, zelfs met onze kleinste bewegingen.”

Draagt je choreografie een boodschap uit?
“Voor mij is dansen iets waar ik mijn fantasie in kwijt kan, een plaats waar ik kan dromen en waar ik probeer utopieën te materialiseren. Want zoals choreografe Manon Santkin zegt: ‘A Utopia a day keeps the doctor away’. In mijn utopische wereld bestaat geen verschil tussen rijk en arm, noord en zuid en blank of getint, enzovoorts. En hoewel ik wel vanuit een persoonlijk politieke beweegreden start, is dat niet waar ik wil dat het stuk over gaat. Ik wil graag ontdekken wat dans wel kan zeggen en woorden niet. En ik nodig het publiek uit om na afloop van het stuk met mij en de spelers te delen wat het stuk in hun ogen betekent en wat zij als boodschap uit het stuk halen. “

 Wie is je grootste voorbeeld?
“Dat is een lastige vraag, want ik heb eigenlijk meer dan één voorbeeld en allemaal om een andere reden. Eleanor Bauer, Gui Garrido en Pieter Ampe, Andors Zins-Brown, Daniel Linehan en Beth Gils zijn jonge choreografen die hun werk op een slimme en originele manier ontwikkelen en mij op die manier erg inspireren. Daarnaast is er nog Anna Teresa de Keersmaeker, die ik al bewonder sinds mijn vijftiende om tal van redenen.”

Wat wil je graag bereiken in de toekomst als choreograaf?
“Ik wil blijven werken, blijven leren en blijven experimenteren met beweging. Ik ben erg nieuwsgierig naar de relatie tussen politiek en dans, net zoals ik erg geïnteresseerd ben in de relatie tussen beweging en vorm.  Ik wil mijn werk graag delen met zoveel mogelijk mensen om zo te leren wat mijn werk overbrengt en bereikt bij mensen.”

 

 

Gepubliceerd op: 24-04-2012

Facebook reacties