Cesuur – Alles op muziek!

Dennis Smits Column

jun
6

Door:

Ik at gewoon rustig mijn ontbijtje, toen het ineens in mijn hoofd zat: “Because you’re wonderful, just wonderful, irresistable and hard to forget”. Ik moest goed nadenken waar ik het liedje van kende. Na vijf minuten stevig peinzen wist ik het. Het komt uit Spijkerhoek, een soapachtige serie uit eind jaren tachtig van de vorige eeuw, waar mijn moeder gek op was. In de serie droomde ene Patty, gespeeld door Mary-Lou van Steenis, van een carrière als zangeres. Het liedje ‘Wonderful’ werd ook in het echte leven uitgebracht en bereikte zelfs de tweede plaats van de Top 40.

Die informatie heb ik opgezocht. Ik weet vrijwel niets meer van Spijkerhoek, behalve dat er een pizzabakker in voorkwam die uiteraard Mario heette. En de tekst en melodie van het liedje ‘Wonderful’ dus. Dat het singletje zo hoog in de hitlijsten terecht is gekomen, zegt veel over de muzikale smaak van de jaren tachtig. Ik denk dat het een van de slechtste liedjes is die ik ooit gehoord heb. Dat meen ik bloedserieus.

Wat is het toch wonderbaarlijk dat een liedje waarmee je geen enkele band hebt, dat je zelfs vaak uitgesproken slecht vindt, zomaar vanuit het niets in je hoofd belandt. En er niet meer uit wil. Want het tenenkrommende gejengel van Patty is geen uitzondering. Het overkomt me regelmatig dat het valse gekweel van Frans Bauer of de zielloze synthesizerballades van Toto bezit nemen van mijn brein. Ik kan je verzekeren dat ik zowel Bauer als Toto niet in de platenkast heb staan en naar de radio luister ik zelden of nooit. En toch kan ik grote delen tekst van beiden moeiteloos opdreunen.

Probeer eens een lijst te maken met alle muziek waarvan je de tekst voor minstens zestig procent uit het hoofd kent. Dat is onbegonnen werk. Er komt geen einde aan. En dat terwijl ik van alle poëzie die ik gelezen heb slechts een paar korte gedichtjes van Jules Deelder en het prachtige ‘Het Huwelijk’ van Willem Elsschot kan reciteren. ‘De totaal witte kamer’ van Gerrit Kouwenaar is het mooiste gedicht wat ik ken. Het is slechts negen versregels lang, ik heb het ontelbare keren gelezen en toch lukt het me niet om het uit het hoofd op te zeggen. Als ik Jan Smit twee keer zijn ‘Als de morgen is gekomen’ heb horen zingen is het veel, maar ik mompel het zo mee. Met tegenzin, dat wel.

Zou dat niet de oplossing zijn voor het belabberde niveau van het hoger onderwijs in Nederland? Dat we, vanaf de kleuterschool, alles op muziek zetten? Wiskundige formules, economische definities, een pakkend deuntje eronder en het zit voor altijd in je kop. Een beetje knappe componist erop en driekwart van het land lepelt zo Gorters ‘Mei’ op. We zouden de grootste kenniseconomie van de wereld zijn. Of in ieder geval de gezelligste.

Gepubliceerd op: 06-06-2011

Facebook reacties