Plattegrond van een jeugd: Een mengeling van herinneringen en verzinsels

Plattegrond van een jeugd Recensie

mrt
5

Door:

Het gebeurde allemaal in de Van Eeghenstraat 100 in Amsterdam. Tegenwoordig is er een bedrijf gevestigd, maar ooit vormde dit statige pand de thuisbasis van schrijfster Wanda Reisel. Zij neemt de lezer mee op een rondleiding, beginnend bij het stoepje en eindigend bij het platte dak waar zij ooit met haar zussen in de zon lag. Aan de verschillende ruimtes hangt ze korte verhalen op.

De familie Reisel, een doktersgezin, betrekt het Amsterdamse huis eind jaren vijftig. Ze zijn dan net teruggekeerd uit Curaçao, waar ze een aantal jaar gewoond hebben. Wanda’s oudere broer is er omgekomen bij een verkeersongeluk. Drie broers en drie zussen blijven over en beginnen met hun ouders een nieuw leven in Nederland. Wanda is nog een kleuter. “Pas in de Van Eeghenstraat krijg ik een geheugen. Hier begin ik te bestaan, zie ik mezelf fietsen.”

Het boek is onderverdeeld in zes delen: ‘straat’, ‘souterrain’, ‘bel-etage’, ‘eerste etage’, ‘tweede etage’, ‘derde etage’ en ‘dak’. Ieder deel begint met een beschrijving van de ruimte, te onderscheiden van de andere hoofdstukken door de grijze tint van het papier. Hierna volgt steeds een aantal verhalen. Of deze op feit of fictie berusten, is in de meeste gevallen wel te raden, maar nooit helemaal duidelijk. Vaak lijken de verhalen een mengeling van herinneringen en verzinsels.

Wel is duidelijk te merken wat Reisel het meest fascineert. Zo komt bijvoorbeeld de Tweede Wereldoorlog veelvuldig voorbij. Het gezin Reisel is Joods en hoewel er zelden tot nooit over de Holocaust wordt gesproken, vermoedt Reisel al vroeg hoe de vork in de steel zit. Ze beschrijft grimmige dromen waarin een groen busje voor het huis stopt en de hele familie wordt meegenomen, behalve zijzelf. Op een heel subtiele manier maakt Reisel duidelijk hoeveel impact de oorlog op haar heeft gehad. En dat is knap.

Onderling verschillen de verhalen sterk van elkaar. Sommigen zijn erg abstract en absurdistisch, anderen zijn juist meer realistisch van aard. Ook de stijl varieert. Sommige verhalen zijn bijna poëtisch geschreven, waardoor er naar de betekenis slechts valt te gissen. Andere verhalen worden juist feitelijk verteld. Maar wat bijna alle verhalen gemeen hebben, is – in meerdere of mindere mate – een gebrek aan closure. Reisel laat graag iets te raden over.

In de ‘aantekening’ op de laatste bladzijde beschrijft Reisel haar korte verhalen als “stijloefeningen en schetsen” en “opgediepte vondsten, die nu samen een ander verhaal vertellen”. Dit verklaart de sterke verschillen tussen de verhalen onderling. De vondsten vormen samen een lappendeken van associaties, fantasieën en herinneringen. Deze combinatie werkt goed.Doordat Reisel voortdurend terugkomt op de rondleiding door het huis, blijft het een coherent geheel, hoewel de samenhang tussen de beschreven kamer en de daarop volgende verhalen niet altijd even duidelijk is.

Met Plattegrond van een jeugd zet Reisel een tijdsbeeld neer. Tegelijkertijd laat zij zien hoe haar schrijversschap tot stand kwam en waardoor zij zich heeft laten inspireren. Zij geeft blijk van een veelzijdig literair talent. Omdat het boek zo divers is, zal iedereen zich wel in een paar verhalen kunnen vinden. Niet alleen een plattegrond van een jeugd dus, maar ook van een schrijfcarrière!

Gepubliceerd op: 05-03-2010

Comments Closed