Abdelkader Benali: “Versnellen vind ik het leukste wat er is”

De marathonloper - Abdelkader Benali Interview

feb
2

Door:

Dinsdag ging De jacht van Abdelkader Benali, een documentaire van regisseur Ronald Bos in première. Hardlopen is de rode draad in de documentaire geworden, waarvoor Regisseur Bos de auteur tussen april en augustus 2008 volgde. Benali publiceerde in 2007 De hardloper en is bezig aan een tweede hardlooproman.

“Ik wil winnen”, zegt de voice-over. In het openingsshot zien we de schrijver door een rotsachtig landschap in Marokko rennen. Benali (1975) die in 1997 debuteerde met zijn roman Bruiloft aan Zee en in 2003 de Libris Literatuurprijs kreeg voor zijn tweede roman De lang verwachte, heeft een grote passie voor hardlopen. “Ik ben ermee begonnen nadat Saïd Aouita, een Marokkaanse hardloper, in 1987 het WK atletiek won. Dat zag ik op tv en ik vond het zo mooi. Dat wilde ik ook.”

“Het liefst loop ik de tien kilometer, dat is heel zwaar. Je moet dan vanaf het begin heel hard gaan. Versnellen vind ik het leukste wat er is”, legt Benali bevlogen uit voorafgaand aan de première. “Helemaal stuk gelopen zijn en dan toch door kunnen gaan. Het voor de eindstreep met een paar mensen uitvechten.”

Benali schuift heen en weer op zijn grijze poef. “Als ik tijdens het schrijven inkak, moet ik gaan bewegen. Ik ben bewegingsgeil. Hardlopen helpt me bovendien mijn gedachten te ordenen, als ik terugkom heb ik meer overzicht. Voor zowel hardlopen als schrijven geldt dat je veel geduld en concentratie nodig hebt. Pas op het eind weet je wat het waard is. Ik stel mijn werk vaak uit, ik heb een soort kunstmatige urgentie nodig.”

Benali reist veel, het liefst alleen. “De eenzaamheid zorgt ervoor dat ik helderder ben en geconfronteerd wordt met mezelf.” Vorige maand schreef hij vanuit Gaza columns voor de Volkskrant. “Toen die oorlog begon dacht ik, daar moet ik heen. Ik voel me verbonden met die mensen.” Eerder was hij in Beiroet toen daar de oorlog tussen Israël en Libanon uitbrak. “In zo’n situatie merk ik wat literatuur kan doen. De werkelijkheid is verwarrend en ongrijpbaar. Verhalen werken als een spiegel voor de mens. Gebeurtenissen tekenen zich duidelijker af.”

“Verhalen van andere mensen boeien me. Ik vind mezelf niet zo interessant. Bovendien begrijp ik niets van mezelf. Vroeger lag ik daarom met mezelf overhoop. De hel zijn niet de anderen, dat ben je zelf. Je kan dan wel bij een therapeut op de sofa gaan liggen, maar daar moet je uiteindelijk toch vanaf. Nu ben ik steeds productiever.”

Voor zijn nieuwe roman De stem van mijn moeder die volgende maand uitkomt, ging Benali terug naar Marokko. Hij bezocht zijn geboortedorp en de plek aan de noordkust waar de familie Benali haar vakanties doorbracht. “Mijn geboortedorp is een beetje het einde van de wereld. Het landschap is er ruig. Er woont ook niemand meer, je kunt er moeilijk binnendringen. Dat laatste geldt misschien ook wel voor de verhalen die ik schrijf, die liggen niet aan de oppervlakte. Ik probeer geen gemakzuchtige schrijver te zijn, ik wil de hardheid en ruigheid van het leven beschrijven.”


Gepubliceerd op: 02-02-2009

Facebook reacties