Arthur Japin: “Geschiedenis is als een salamander”
Door: Elske van der Velden
Een denkbeeldige koets, Koning Arthur die met draken vecht, en stemmen die vertellen wat er op papier moet komen te staan. Op een gure maandagavond sleept Arthur Japin, gastschrijver aan de Rijksuniversiteit Groningen 2009, zijn toehoorders mee in een mystieke en fantasierijke wereld. Vol humor verhaalt Japin in zijn lezing ‘De vierde wand’ over de rol van fantasie bij het scheppen van een werkelijkheid in de literatuur.
In samenwerking met de Rijksuniversiteit Groningen verzorgt Studium Generale Groningen elk jaar het Gastschrijverschap. De gastschrijver geeft openbare lezingen en werkcolleges die speciaal voor de studenten georganiseerd worden. Arthur Japin is de vierentwintigste gastschrijver, voorgegaan door grote namen als Thomas Roosenboom, Nelleke Noordervliet, en Jean Pierre Rawie.
Tegen de achtergrond van de muurschildering ‘De Boom der Kennis’ in de Aula van het Academiegebouw staat de charmante gestalte van Japin: acteur, scenarioschrijver, maar vanavond vooral literair schrijver. Met een humoristische inslag verhaalt Japin over het belang van fantasie bij het schrijven van literatuur. “Geschiedenis is als een salamander”, begint hij. “Vang een salamander en de staart laat los. Je hebt de feiten bij de staart en de rest laat los.” Volgens Japin groeit de staart van die salamander pas weer aan als hij fantasie, vrijheid van gedachten en liefde de vrije loop laat.
Door jaren van pesterijen en lichamelijke en fysieke mishandeling creëerde de jonge Japin een veilige haven door te vluchten in een fantasiewereld. Zijn vader Bert was een bekend toneelrecensent en zo nu en dan nam hij zijn zoon mee naar voorstellingen. Hier ontmoette de jonge Arthur de mimespeler Rob van Rijn die hem leerde zich af te sluiten voor het publiek en de buitenwereld. ‘Het sluiten van de vierde wand’ noemde Van Rijn het.
Dat opsluiten in de eigen wereld en de fantasie de vrije loop laten, zijn de grondbeginselen voor het schrijverschap van Japin. Zo begint hij een verhaal, zo zit hij elke dag te schrijven. De vierde wand biedt een schrijver de mogelijkheid volledig op te gaan in zijn eigen fantasie. Door het plaatsen van de vierde wand wordt het vertelde verhaal opeens ‘waar’.
Dat probeert Japin ook te realiseren in zijn personages. De types in zijn boeken berusten vaak op feitelijkheden, maar hun karakters ontspruiten aan zijn fantasie. De schrijver bekent dat hij daardoor vaak één wordt met zijn personages; dat veel karaktereigenschappen van zijn hoofdpersonen autobiografisch getint zijn. “Ik wil zelf voelen hoe het voelt om van de ene emotie naar de andere emotie over te gaan. Dat is ‘navoelen’.”
En soms, per toeval, blijken zijn fictieve personages echt bestaan te hebben. “Soms is het nodig om de werkelijkheid buiten te sluiten, juist om die werkelijkheid te leren kennen”, vertelt hij. “Fantasie kan soms meer inzicht geven in de werkelijkheid dan feiten zelf.”
Die fantasie komt Japin als het ware aanwaaien. Waar de archieven de nodige feitelijke achtergronden bieden voor zijn verhalen, vullen ‘stemmen’ Japins verhaal aan met fantasie. “Inleving is belangrijk en die gaat soms ver,” zegt Japin. “Stemmen vullen de hiaten in de feitelijke informatie in.” De aan Carl Jung ontleende term participation mystique sluit volgens hem goed aan op deze bijzondere ervaringen. Hij geeft de stemmen – die hij zelf heeft gecreëerd – slechts de ruimte om te bloeien.
Zoals een verhalenverteller betaamd weet Japin de luisteraars mee te slepen in zijn voordracht. Het onderwerp van gesprek is aanwezig in de Aula zelf; Japin creëert op feilloze wijze een vierde wand in de zaal en doet ons geloven dat wij in de werkelijkheid van zijn leven rondkijken. Hij vertelt de anekdotes van zijn fantasierijke jeugd gedetailleerd, zodat de toehoorders ingesloten worden in zijn toespraak. Na een klein uur verdwijnt de wand langzaamaan en maakt deze plaats voor de volle zaal in het Academiegebouw. De draak is verslagen, de koets rijdt door en de ‘stemmen’ verdwijnen. De vierde wand is gevallen.
‘De vierde wand’ is een boeiende lezing, waarin Japin op haast filosofische wijze uiteenzet hoe fantasie en de werkelijkheid vaak hand in hand gaan bij het schrijven van literatuur. Hij kondigt aan volgend jaar met een nieuw boek te komen. Voorlopig zit hij dus veilig weggedoken achter zijn eigen vierde wand.
Gepubliceerd op: 20-10-2009








