Toverlantaarns mist magie
Door: Yvette Slotema
De voorloper van de film- en diaprojector staat centraal in Museum De Lakenhal. Het Leidse museum toont deze zomer de eigen collectie toverlantaarns en toverlantaarnplaten. Drie eeuwen geleden werden deze voorstellingen als magisch beschouwd: vandaag de dag ontbreekt het in Toverlantaarns echter aan deze magie.
Op de derde verdieping van Museum De Lakenhal staan twee rechthoekige zwarte kamers. Samen vormen zij de kleine tentoonstelling over de ‘laterna magica’, zoals de toverlantaarn vanaf de zeventiende eeuw werd genoemd. Dit magisch apparaat, bestaande uit een metalen lantaarn, een kaars of olielamp, spiegel en lens, vergrootte een klein beschilderd glazen plaatje tot een grote verlichte afbeelding. De platen zijn gesorteerd op thema: ambachten, karikaturen, dwergen, dieren, sprookjes en landschappen komen voorbij. Op wat demonen na hebben de voorstellingen echter weinig magisch.
Enige verwondering
Hoewel het bewonderenswaardig is hoe sommige afbeeldingen tot in de kleinste details op een glazen plaatje met een doorsnede van tien centimeter zijn geschilderd, roepen de platen tegenwoordig niet meer de verwondering op die ze eeuwen geleden wel veroorzaakten. Dit ligt niet alleen aan de moderne tijd met tv en internet, ook de presentatie in Toverlantaarns spreek niet tot de verbeelding. De meeste plaatjes hangen statisch aan de muur. Er is geprobeerd sommigen te verlevendigen door ze groot te projecteren en te voorzien van geluideffecten. Het geluid van het verschuiven van de plaatjes zorgt wel voor kippenvel en bij een hurkende dronkaard klinkt een onsmakelijk klateren van zijn urine, maar meer sensaties roepen de toverplaten niet op. Het is of je een vlugge blik werpt in een prentenboek in plaats van dat je meegenomen wordt naar een andere wereld waar je je blijft verbazen.
Incompleet?
Het museum probeert genoeg informatie te geven, maar meldt bij het begin meteen dat er weinig over de toverlantaarns bekend is. Een en ander wordt dus aan de fantasie overgelaten. De bezoeker blijft uiteindelijk vooral met een hoop vragen zitten, zoals waarom zie je vooral exotische landen en dieren en van wie zijn die statische geschiedenisportretten?
Des te opmerkelijker is het dat de zaken die wel bekend zijn niet ten volle worden benut. Zo staat er bij de sprookjesplaten beschreven dat lantaarnisten shows gaven. Slechts af en toe is er in het museum een live-lantaarnistenshow, compleet met verteller en muziek. Het is zonde dat zo’n show niet gefilmd is en vast getoond wordt in de tentoonstelling, wellicht dat het een vollediger beeld geeft van het magische van de toverlantaarn.
Een andere gemiste kans is het tonen van prentenboeken waar veel van de platen op zijn gebaseerd. Hier en daar ligt een oud boek opengeslagen in een vitrine. Het zou een toevoeging zijn als bijvoorbeeld het genoemde Dwergentoneel en ’t Apenspel in de Werelt aan de hand van de tentoongestelde platen wordt verteld. Nu heb je geen idee wat er in die verhalen gebeurt. Je ziet een paar rijk uitgedoste apen op een slagveld overleggen, maar of dat een parodie is op een beroemde strijd blijft onbekend.
Toverlantaarns blijft braaf. De glazen platen hangen netjes naast elkaar aan de muur, voorzien van een korte omschrijving en een projectie. Wat vitrines met lantaarns en opengeslagen prentenboeken moeten de tentoonstelling compleet maken. Zonder succes. Door de brave presentatie komt de magie van de ‘magica laterna’ helaas niet tot schitteren.
Gepubliceerd op: 27-05-2012








