Beter naar parkfoto’s en landschapstekeningen leren kijken

Rineke Dijkstra, Parque de la Ciudadela, Barcelona, June 4, 2005. courtesy Marian Goodman Gallery, New York, Parijs Recensie

jul
27

Door:

Het klinkt als een onlogische combinatie: een tentoonstelling met werken van Rineke Dijkstra en Claude Lorrain. Wat kan een vergelijking opleveren tussen twee zwaargewichten die uit verschillende tijden komen, in een verschillend medium werken en verschillende onderwerpen hebben? Heel wat, zo blijkt uit de tentoonstelling Rineke Dijkstra & Claude Lorrain in het Haarlemse Teylers Museum.

Een fotograaf en een schilder
In september komt het Teylers Museum met de primeur: de eerste overzichtstentoonstelling in Nederland van de beroemde zeventiende-eeuwse landschapsschilder Claude Lorrain (1600-1682). Omdat de schilderijen nu nog in het Louvre hangen, geeft het Teylers alvast een voorproefje door enkele tekeningen van Lorrain te tonen. De combinatie van deze tekeningen met foto’s uit de serie Park Portraits van de hedendaagse portretfotograaf Rineke Dijkstra (1959) lijkt vergezocht. Wat hebben grote foto’s van jongeren in stadsparken in Amsterdam, Barcelona, Xiamen en New York te maken met tekeningen van Italiaanse geïdealiseerde landschappen?

Composities maken
Lorrains tekeningen zijn voorstudies voor zijn schilderijen; je kunt zien hoe hij het ideale landschap componeert. Naast deze tekeningen liggen in het prentenkabinet van het Teylers Museum enkele contactvellen (met kleine afdrukjes zo groot als het negatief), waardoor goed te zien is hoe ook Rineke Dijkstra de perfecte compositie zoekt. Hoe zij de juiste lichtinval, kadrering en de positionering van de jongeren in het landschap vindt. Die zoektocht naar een uitgebalanceerd beeld is de rode draad in deze mini-tentoonstelling.

Via Lorrain naar foto’s van Dijkstra kijken
Door de combinatie met Lorrains landschapstekeningen ga je anders kijken naar de foto’s van Rineke Dijkstra. Aanvankelijk kijk je naar naar de foto’s als portretfoto’s. Maar door Lorrain let je ook op het landschap. Neem bijvoorbeeld de foto Parque de la Ciudadela, Barcelona, June 4, 2005. Aanvankelijk kijk je naar die zelfverzekerde, een tikkeltje verveelde blik van het rossige meisje met de oranje gymschoenen dat kaarsrecht op een roze step staat. Je probeert je een beeld te vormen van het temperament van dit meisje, net zoals mogelijk was bij de video The Krazy House (2009) die een paar maanden eerder in Haarlem te zien was.

Maar als je verder kijkt, zie je hoe Dijkstra ook heeft scherpgesteld op een tak op de voorgrond. Terwijl de voorgrond van het tafereel zich in de schaduw bevindt, is de achtergrond ervan juist zonovergoten. Dit is een strategie die je ook in Lorrains tekeningen kan herkennen, waardoor een soort coulisse-effect ontstaat. Met een duwtje door de bijschriften besef je dat stadsparken eigenlijk gemodelleerd zijn naar de geïdealiseerde landschappen zoals Lorrain maakte. En daarmee is de vergelijking Lorrain-Dijkstra helemaal niet zo vreemd.

Door de combinatie van deze twee topkunstenaars leer je beter naar hun afzonderlijke werken kijken. Het is wel jammer dat je de foto’s van Dijkstra dankzij Lorrain op een andere manier leert bekijken, maar dat het niet andersom werkt. Lorrain blijft Lorrain. En dat maakt deze tentoonstelling misschien minder inspirerend als voorproefje op de verwachte overzichtstentoonstelling, maar het bewijst wel hoe actueel Lorrain nog kan zijn.

Gepubliceerd op: 27-07-2011

Facebook reacties