Is dat nou kunst…?

Venus van de vodden Recensie

aug
18

Door:

Deze zomer toont het Kröller Müller Museum met de tentoonstelling Jonge Klassieken, hoofdstukken uit de collectie moderne kunst diverse kunstwerken uit de jaren ’60, ’70 en ’80 van de twintigste eeuw. De werken laten in chronologische volgorde zien hoe kunstenaars in Europa en Amerika middels het produceren van kunst op onderzoek uitgingen.

De tentoonstelling begint met kunst uit de jaren ’60. In die tijd vond er een vervaging plaats tussen wat men noemt ‘high art’ en ‘low art’. De hogere en de lagere kunst namen aspecten van elkaar over, waardoor het verschil steeds kleiner werd. Dit kwam mede doordat het hoger onderwijs toegankelijker werd voor een groter publiek. Hierdoor was er niet meer een elite die bepaalde wat ‘goede kunst’ was. Toen bleek dat authenticiteit en vakmanschap niet direct tot goede kunst leidden moesten kunstenaars op zoek naar de essentie van kunst. Er moesten nieuwe criteria voor goede kunst worden opgesteld. Door deze onderzoekende houding ontstond er een nieuw soort kunst.

De zoektocht naar goede kunst zorgde ervoor dat weinig kunstenaars op de traditionele manier te werk gingen. Het merendeel van de kunstwerken zijn objecten gemaakt van diverse materialen, waarvan vilt, hout en jute slechts enkele voorbeelden zijn. Dat deze objecten wellicht minder toegankelijk zijn voor sommige bezoekers blijkt wel uit de reacties. Menigeen vraagt zich hardop af of dit kunst is. Wellicht is het juist de bedoeling dat de bezoekers na zullen denken over wat kunst is, daar hielden kunstenaars zich immers ook mee bezig.

Kunstenaars vonden op hun eigen manier verschillende antwoorden op de vraag wat de essentie is van kunst. Sommige kunstenaars waren van mening dat het concept achter een kunstwerk de essentie vormt, zij vertegenwoordigden het Conceptualisme. Jospeh Kosuth (1945 – ) was ook een conceptualist, met werken zoals Glass (one and three) (1965) probeerde hij de essentie van objecten te achterhalen. Dit kunstwerk bestaat uit een definiëring van glas – komende uit een woordenboek – een glasplaat en een foto van deze glasplaat. De vraag rijst; welke van deze drie is het echte glas?

De tentoonstelling schenkt ook aandacht aan de ‘Arte Povera’. Deze Italiaanse kunststroming ontstond in de jaren ’60 doordat kunstenaars gingen werken met gevonden of hergebruikte materialen. Venere Degli Stracci (1967-1982) (Venus van de vodden) van Michelangelo Pistoletto (1933) is daar een mooi voorbeeld van. Door een reproductie van een klassiek Venusbeeld en afgedankte vodden te gebruiken, tracht hij een objectief beeld te maken, zonder persoonlijke of politieke invloeden.

Na drie zalen met kunstwerken behorende tot stromingen als ‘Minimal Art’, ‘Land Art’, ‘Conceptual Art’ en ‘Arte Povera’ komt de Duitse kunstenaar Joseph Beuys (1921-1986) aan bod. Vanwege zijn visie dat leven en kunst één zijn, waar hij diverse disciplines bij betrekt, en doordat hij vele kunstenaars heeft opgeleid, wordt hij gezien als de geestelijk vader van latere kunststromingen. Hij vormt dan ook de link naar de 18-delige fotoserie Sao Paulo (1975) van Sigmar Polke (1941) die de tentoonstelling afsluit. De ontroerende, zoenende en lachende mensen op deze experimentele foto’s laten zien dat het leven zelf een vorm van kunst is.

Het Kröller Müller Museum laat met de overzichtelijke tentoonstelling Jonge Klassieken diverse kunststromingen aan bod komen. Door enkel bij het begin van de zalen een korte uitleg te geven over de gehele tentoonstelling wordt de bezoeker vrijgelaten in zijn eigen interpretaties en meningen. En wat je er ook van denkt… het is kunst!

Gepubliceerd op: 18-08-2009

Comments Closed