De 53ste Biënnale van Venetië: Making Worlds

foto: Sophia Zürcher, Centraal Paviljoen van de Biennale van Venetië, juni 2009 Reportage

jul
1

Door:

Lopend door Venetië, bekruipt je het gevoel door een kunstwerk te lopen. Venetië is namelijk dé plek om kunst te bekijken op de plek waar het voor gemaakt is. Grote kunstwerken vinden we nog in de kerken waar ze hoorden, in plaats van ontheemd in musea. Ook op de 53ste Biënnale is het werk dat speciaal voor de Biënnale is gemaakt, site specific werk, het interessants. Het concept van the white cube – het tentoonstellen van werken op witte muren – is bijna niet meer aan de orde in Venetië, want veelal gaan de kunstwerken een dialoog aan met de ruimte van de landenpaviljoens en de Arsenale.

De Biënnale bestaat uit twee delen; de Giardini en de Arsenale. De eerste Biënnale werd gehouden in de Giardini, de publieke tuinen in het oosten van de stad Venetië. In 1895 werd besloten om een grote internationale kunsttentoonstelling te organiseren ter ere van het zilveren huwelijk van koning Umberto I. De eerste Biënnales toonden vooral gerenommeerde Salonkunst. Na de Eerste Wereldoorlog kwam de organisatie in handen van het fascistische regime, waardoor er vooral veel Italiaanse propagandakunst te zien was. Pas na de Tweede Wereldoorlog kwam er kunst van de avant-garde aan bod, zoals Picasso, Kandinsky en andere grote kunstenaars uit de twintigste eeuw.

Inmiddels is de Biënnale uitgegroeid tot de plek waar alle belangrijke mensen uit de kunstwereld verzamelen om te netwerken, te discussiëren en vooral héél véél kunst te zien.

In de Giardini staan 29 landenpaviljoens. Landen beheren dit pand zelf en bepalen dus ook zelf wat er te zien is. Curator Saskia Bos van de Mondriaanstichting koos dit jaar voor de videokunstenares Fiona Tan. In het paviljoen van Gerrit Rietveld laat zij twee al wat oudere films zien en een nieuwe film die zij speciaal heeft gemaakt voor deze Biënnale. Het paviljoen, dat bekend staat om zijn bijzondere lichtval, werd verduisterd om de video’s beter tot hun recht te laten komen. Hoewel het mooie kunstwerken zijn, is het jammer dat ze niet de dialoog aangaan met het paviljoen.

Het paviljoen van Tsjechië en Slowakije pakte dat heel anders aan: Roman Ondák haalde de vloer uit het paviljoen en plantte er dezelfde planten als buiten. Zo was er geen scheiding meer tussen buiten en binnen, tussen natuur en tentoonstelling. Sommige bezoekers hadden zelfs niet in de gaten in een paviljoen te lopen. Ook de paviljoens van Denemarken en de Noordelijke landen, gecureerd door Elmgreen en Dragset lijken niet op expositieruimtes, maar woonruimten vol met designmeubels. Tijdens de opening werden bezoekers rondgeleid door makelaars, want het paviljoen was zogenaamd te koop.

In de Giardini staat tevens het centrale paviljoen, het Palazzo delle Esposizioni, waar de eerste helft van de grote thematentoonstelling te zien is. De tweede helft is te vinden in de Arsenale; de oude scheepswerf van Venetië.

Iedere Biënnale heeft een gekozen artistiek directeur die een thematentoonstelling mag maken. Dit jaar is dat Daniel Birnbaum, die zijn tentoonstelling de titel Fare Mondi // Making Worlds gaf.Birnbaum is filosofisch en kunsthistorisch geschoold en staat, als rector van de Städelschule te Frankfurt-am-Main, dicht bij het maakproces van de kunst. Hij ziet het maken van kunst als het maken van werelden. Vooral in de Arsenale bekruipt het gevoel een nieuwe wereld binnen te lopen.

In de Arsenale gaan de kunstwerken een dialoog aan met de architectuur van de oude scheepswerf. Mike Bouchet zette een stereotype Amerikaanse bungalow neer op het water. Pascale Marthine Tayou vormde een zaal om tot Afrikaans dorpje en een politiek geëngageerde banner van Goshka Macuga is gedrapeerd over twee grote zuilen. Overigens is dit maar een van de weinige politieke werken; het uitgangspunt van Daniel Birnbaums om kunst te zien als werelden lijkt weinig ruimte te bieden aan het dagelijks leven. Dit valt vooral op in de Giardino delle Vergini, een tuin die dit jaar voor het eerst bij de Biënnale wordt betrokken, waar sprookjesachtige werken opgaan in het ruïnelandschap.

Zo is er een torentje waar de Indiase kunstenaar Nikhil Chopra een performance hield tijdens de opening. Sara Ramo maakte van een vervallen gebouw het huis van Hans en Grietje en Lara Favoretto legde zelfs een moeras aan dat dienst doet als gedenkteken voor onder meer de verdronken Bas Jan Ader.

Door de dialoog aan te gaan met architectuur en de ruimte rond de Arsenale is er van dit gebied een mooie kunstwereld gemaakt. Het tentoonstellingsgedeelte in de Giardini stelt echter teleur doordat de werken in deze museale opstelling geen eenheid uitstralen. De nadruk die gelegd wordt op het creëren van werelden geeft de Biënnale een weinig politieke, maar wel zeer sprookjesachtig beeld van een nieuwe Biënnalewereld.

Gepubliceerd op: 01-07-2009

Facebook reacties