dinsdag, september 7th, 2010
Drie generaties verhuizen naar een nieuwbouwwijk om een nieuw leven te beginnen. Je ergens weer thuis voelen is echter moeilijk. Het ruikt er anders, het bed ligt niet lekker en je brengt je verleden als bagage met je mee. De nieuwe locatievoorstelling van Tryater Op zoek naar thuis, geregisseerd door Jos van Kan, gaat over de onontkoombaarheid van verandering en de noodzakelijke berusting die het vraagt.
In een bus wordt het publiek naar de eerste locatie gebracht. Aan de rand van een maïsveld ligt een omgevallen huis op een hoop zand. Een jongetje gekleed in een indianenpak loopt voorbij en richt zijn pijl en boog op het publiek. Een in zwart geklede cowboy komt vanuit het maïs tevoorschijn op de eerste tonen van Ennio Morricone, de muzikanten bevinden zich nog ergens tussen het maïs. Heel onverwacht verschijnt een vrouw met een stofzuiger en een boze puber met een tas op haar rug stuift achter haar aan.
De grote trek
De drietalige voorstelling Op zoek naar thuis (Nederlands, Fries en Leeuwarders) is een familievoorstelling voor kinderen vanaf acht jaar, waarin drie generaties gaan verhuizen en een nieuw thuis moeten vormen. Door een nieuwe start te maken, proberen ze hun verleden achter hen te laten. Toch belandt Boerin Dieuwke (Leny Dijkstra) na een wandeling weer op het erf van haar oude boerderij, die niet langer van haar is. En een Jazzpianist (Hans Thissen) blijft na een gebroken relatie letterlijk steken in het drijfzand, waar zijn nieuwe buurvrouw Pats (Lysbeth Welling) hem moet uittrekken.
Cowboys en indianen
In zwart gestoken cowboys bewegen zich tussen de personages. Zij dagen de nieuwe bewoners uit om een keuze te maken. Kies je voor vrijheid of gebondenheid? Kies je voor het leven of de dood? Ze creëren zekerheid en onzekerheid bij de verschillende personages.
De rode draad vormt de zoektocht naar de weggelopen Sproet. Het dertienjarige meisje (Alyt Damstra) begrijpt niet waarom mensen in huizen gaan wonen. Waarom zwerven ze niet gewoon rond? Ze voelt zich sterk aangetrokken door de cowboys die een vrij leven leiden en niet in een nieuwbouwhuis moeten gaan wonen. Ze krijgt van hen witte cowboylaarzen, maar als ze zich echt bij hen wil voegen, moet ze alles achterlaten, ook haar familie. Met -bescherming van het indianenjongetje weet ze de cowboys weg te jagen van haar nieuwe thuis.
Zintuiglijke belevenis
De voorstelling is een belevenis voor de zintuigen. De geur van koeienmest komt je tegemoet en wanneer het publiek zich in de maïsvelden begeeft, hoort het stemmen terwijl het met de laarzen door de blubber loopt. Een mannenkoor begeleidt het publiek al zingend naar de verschillende locaties, waar de cowboymuziek de sfeer bepaalt. Het prachtige weer doet de ernstige regenval van de afgelopen week vergeten, al heeft het gezelschap de nodige voorzorgmaatregelen genomen door de paden te bestrooien met houtsnippers.
Het ontheemde gevoel van de personages wordt goed overgebracht in het spel en het gebruik van de locaties. De wijdse leegte van de Friese vlakte zorgt voor inspiratie, of juist voor het beklemmende gevoel dat je de weg naar huis niet meer terug kunt vinden. Toch vinden alle figuren hun plek in de nieuwe omgeving en wordt er een gevoel van thuis-zijn gecreëerd.
Tags: cowboys, Friesland, indianen, Jos van Kan, Locatietheater, Rozemarijn Strubbe, Strubbe, Theater, thuis, Tryater
Posted in Recensie, Theater | 1 Comment »
maandag, september 6th, 2010
Twee schoolvriendinnen ontmoeten elkaar na jaren weer voor een theevisite. Maar echt gezellig wordt het niet. Oude hobby’s en herinneringen kunnen niet voorkomen dat in THEE de kopjes sneuvelen en kokend water munitie wordt.
De twee dames in THEE nemen geen doosje thee mee op visite, maar een koffer vol. Maar wiens thee (overigens allemaal met dezelfde smaak van hetzelfde merk) zullen ze zetten? En hoe? Drinken ze inmiddels eigenlijk niet liever koffie? Nog voor de thee is gezet, ontaard de ontmoeting in een absurde competitie.
Eigen wereld
De actrices van Poolse Vis (opgericht in 2005) creëren met behulp van theezakjes een eigen wereld. Lichaamstaal en muziek – van tango tot balkan – vormen een verhalende choreografie. Die verhaallijn geeft het publiek dat onbekend is met mimetheater houvast. Inge Voskamp en Eveline Agema hebben weinig woorden nodig om de ontmoeting nóg ongemakkelijker te maken: “Heb jij nog steeds die kat?” (ander knikt) “Tommy? Timmy?” De ander: “Jip”.
Hoogtepunt is een live-projectie op de achterwand van het speelvlak. Een videocamera registreert een landkaart die op tafel ligt. De twee halen herinneringen op aan hun tijd bij de padvinders. De kaart verandert in een bos waarin twee theezakjes (de meisjes) rond paraderen. De een laat de ander struikelen – met het touwtje van het theezakje. Een label van een zakje wordt een gsm om een ziekenauto – een rood theedoosje met fietslampje – te bellen.
Ongemakkelijk gezelschap
Hilarisch zijn de scenes waar de vrouwen hun hobby met de ander proberen te delen. Agema en Voskamp vouwen theezakjes en beelden vogels uit. Ze weten van deze toch al weinig populaire hobby’s, vervreemdende ongemakkelijke bezigheden te maken. Je vraagt je soms af waarom deze twee koppige mensen elkaars gezelschap zoeken. De liefde die de ene vrouw voor de ander blijkt te voelen, valt dan ook enigszins uit de lucht.
Dat die avances leiden tot escalatie is geen verrassing, de extremiteit ervan wel. Een gevecht op, over en naast de tafel houdt het midden tussen spel en dans. In slow motion slaat een vuist tegen een gezicht en de twee buitelen over de tafel. Theezakjes vliegen door de lucht en het servies sneuvelt. THEE ontaardt in een geregisseerde puinhoop met een macaber einde.
Deze derde voorstelling van Poolse Vis (voor het eerst gespeeld in 2008) is ideaal voor wie van absurde humor houdt én wil kennismaken met mimetheater.
Tags: beeldend theater, Eveline Agema, Fijnhouttheater, Fringefestival, Inge Voskamp, Marijke de Vries, Mimetheater, Poolse Vis, Thee
Posted in Recensie, Theater | No Comments »
maandag, september 6th, 2010
Het New York Fringe Festival wordt geacht nieuw of opkomend talent op het programma te hebben, zoals toneelschrijvers met nieuwe stukken. Op het FringeNYC is komisch drama dan het meest populaire genre. Wat dat betreft wordt er weinig risico genomen. De schrijvers voeren graag intense drama’s op maar nooit zonder een passende dosis humor.
Waar wel aardig mee geëxperimenteerd wordt zijn thema’s en taalgebruik. Zo is er een komisch toneelstuk over kanker, een relatietoneelstuk waarin ‘sex’ en ‘fuck’ zonder enige censuur de centrale woorden zijn, en een familiedrama waarin een homoseksuele man als baby door zijn biologische moeder ter adoptie was afgestaan en nu opnieuw contact met haar zoekt. Welk van deze stukken heeft de meeste Broadway-potentie?
How my mother died of cancer, and other bedtime stories
Een komedie over kanker kan eigenlijk niet anders dan eindigen in tranen. Dat is het vreemde maar ook het mooie aan deze voorstelling. Auteur Chris Kelly baseerde zijn toneelstuk op persoonlijke ervaringen met zijn zieke, en later dode, moeder. Het idee ontstond toen hij in de wachtkamer van het ziekenhuis zat. Hij bedacht de 25-jarige Kate (Elizabeth Romanski) die na het overlijden van haar moeder aan kanker een ‘low budget’ theaterstuk over dit verlies wil opvoeren in de hoop dat het haar zal helpen bij de verwerking van haar verdriet. Samen met haar vader en broertje en enkele vrienden – die gewoon ‘zichzelf’ moeten voorstellen – probeert ze standvastig haar script te volgen en het publiek een boeiende avond te bezorgen.
Het begint als een soort vaudevilleshow met overdreven glimlachende gezichten, de ‘cancer dance’, liedjes en scènes waarin de diagnose en behandeling van kanker worden toegelicht. Kate heeft voor de rol van de moeder een zogenaamde professionele actrice (Sharon Wyse) ingehuurd die voornamelijk in een ziekenhuisbed ligt, maar soms staat ze frivool op om mee te doen in een komisch bedoelde sketch. Het eerste deel van de voorstelling bevat eigenlijk een overdosis aan veelal flauwe grappen over kanker. Maar al vanaf het begin is te zien dat vader (Mike Boland) de grote dwarsligger is. Dat leidt halverwege het script tot een reeks ‘spontane’ onderbrekingen waarin de ware gevoelens van de personages boven water komen.
De dialogen tussen Kate en haar broertje Tim, vader en Tim, en vader en Kate buigen de voorstelling vanaf dat punt om in een aangrijpende realistische toestand. Ontroerend is het praatje van vader aan het sterfbed van zijn vrouw, die hem helpt te zeggen wat hij wil zeggen. Tot slot spreekt Sharon Wyse in de rol van moeder de laatste woorden tot haar kinderen alsof ze hen zojuist een verhaaltje voor het slapen gaan heeft verteld, zoals ze vroeger altijd deed. Uiteindelijk verlaat vrijwel iedere toeschouwer de zaal met tranen in de ogen.
Een interviewfilmpje met Chris Kelly is te zien op de website van de voorstelling (www.cancerplay.com).
Heterosexuals
Dit toneelstuk van Lee Papa (tevens de regisseur) wordt omschreven als een ‘obscene comedy’ met ‘sexual small talk’ ‘about how much we just want to fuck’. Een getrouwde man (‘He’) belandt op een avond op de bank bij een andere vrouw (‘Other’) waarmee hij heel open en expliciete gesprekken heeft over seksvoorkeuren en -fantasieën. Beiden nemen ze regelmatig de woorden ‘sex’, ‘fuck’, ‘ass’ en ‘dick’ in de mond. Later in het stuk blijkt deze ‘andere’ vrouw een vriendin te zijn van zijn echtgenote (‘She’) die overigens stilzwijgend op de hoogte is van de affaire. Het overspel zelf speelt zich niet voor de ogen van de toeschouwer af. Praatjes vullen immers geen gaatjes, om het maar heel flauw te zeggen. In Heterosexuals mag de taal dan wel vol seks en lust zijn, in het spel van de acteurs is weinig spannends te bemerken.
Heterosexuals is opgebouwd uit vijf scènes, te beginnen met ‘He’ en ‘Other’ bij haar thuis. Zij flirt, stelt vragen, neemt geen blad voor de mond als het om haar seksleven gaat. Hij geeft weifelend maar eerlijk antwoord op haar gewaagde vragen. En dan: ‘the woman invites the man to touch her’. Wat betreft aanrakingen – of iets wat die kant op gaat – is deze voorstelling echter nogal saai en preuts. De acteurs willen spanningen tussen de personages suggereren, maar dat gaat nogal moeilijk als je meters van elkaar vandaan gaat staan of zitten. Fysiek gebeurt er dus vrijwel niks, in tegenstelling tot alle grootspraak over wat ze allemaal willen doen en beleven. Het is alsof de makers van de voorstelling de tekst al het werk willen laten doen.
In de vervolgscènes blijkt dat het huwelijk al niet op rolletjes loopt en hebben de twee vrouwen een lunchafspraak. Terwijl de door seks geobsedeerde vriendin een langdradige monoloog houdt over haar single seksleven, zit de echtgenote gretig een salade weg te kauwen. Ze zegt geen woord en in haar non-verbale spel is weinig emotie te bekennen. De meest originele scène in deze clichématige driehoeksverhouding is die waarin de echtgenote haar wraak zoekt in het vernederen van haar overspelige man. Hij moet namelijk tot in de details vertellen hoe de seks met haar vriendin was. Jammer genoeg maakt Jeff Kreisler ook in deze scène van zijn personage een simpele slappe zak die aan z’n suffe huwelijk probeert te ontsnappen. Wat is daar nou grappig aan?
Lost and Found
Dit is het meest traditionele toneelstuk in het rijtje, een familieportret van een arbeidersgezin in Boston. Pa is een jaar geleden overleden aan hartkwalen, hij was politieagent. Zoon Tommy is rechercheur en sinds kort de man in huis. Dochter Marie worstelt met haar zelfvertrouwen doordat haar vriend Keith, die dorpsagent is, weigert haar ten huwelijk te vragen. Moeder Eva is een vrouw die ondanks haar weduwestatus het hoofd niet laat hangen en haar kibbelende kinderen resoluut tot stilte maant. De familie Broncato lijkt stug en liefdeloos, maar daar komt verandering in met de komst van een vreemdeling die al snel niet zo vreemd blijkt te zijn.
Vincent is de man die op een avond aanklopt en verklaart Eva’s zoon te zijn. Hij was de baby die zij ter adoptie afstond toen zij als tiener zwanger raakte van haar jeugdliefde, nog voordat zij trouwde. Maar Eva moet er niks van weten, heeft dit altijd verzwegen tegenover haar kinderen en probeert het verleden nu ook te laten waar het was. De sympathieke Vincent weet echter door zijn vasthoudende interesse in zijn bloedverwanten de harten van zijn halfbroer en –zus te veroveren. Dat hij homoseksueel is, is voor hen een zure appel – maar daar bijten ze zich doorheen dankzij goede gesprekken (Marie) en een gebroederlijk potje knokken (Tommy).
John Pollono – die ook de rol van Tommy speelt – schreef Lost and Found als een deels autobiografisch stuk. Het emotionele proces van de personages heeft hij zelf doorgemaakt in een soortgelijke situatie. Verwarring, verwondering en nieuwsgierigheid heeft Pollono dan ook knap verwerkt in prachtige scènes met levendige, vlotte dialogen en mooie, ronde karakters. Leuk om te weten: de rol van Eva wordt gespeeld door The Sopranos-actrice Geraldine LiBrandi.
Uiteindelijk geeft ook moeder zich gewonnen en omhelst haar ‘verloren’ zoon die van hun gezin weer een hechte familie maakt. Het verhaal heeft vele wendingen en alle personages hebben zo hun eigen subverhaaltjes. Dankzij de sterke cast en hun overtuigende (samen)spel is Lost and Found een spannende dramatic rollercoaster met voldoende komische momenten. Dit stuk verdient een groter podium en een groter publiek… misschien wel op Broadway.
Tags: Claire Goossens, Fringe, FringeNYC, Heterosexuals, How my mother died from cancer, John Pollono, Lost and found, New York, New York International Fringe Festival, Recensie, Theater, Toneelstuk
Posted in Recensie, Theater | No Comments »
dinsdag, augustus 31st, 2010
Mijn oren en neus zitten vol zand, net als mijn nette schoenen. Nergens wordt het premièrepubliek zo op de proef gesteld als bij de opening van het Zeeland Nazomerfestival (ZNF) 2010. Spelers, regisseurs en technici van locatietheater moeten wind, regen en modder trotseren. Daarom vond Henk Schoute, directeur van het ZNF, het een leuk idee om sponsoren en genodigden iets van die ellende aan den lijve te laten ervaren op de avond van dinsdag 24 augustus.
Dat gebeurde bij Beachclub Zuiderduin aan het strand van Westkapelle, waar Zeeland die avond op zijn mooist was. De golven woest, de lucht adembenemend prachtig. Meeuwen lieten zich zijwaarts meevoeren op de storm die premièrekapsel verwoestte en het spreken bijna onmogelijk maakte.
Molière met brommers in Oostkapelle
Het Zeeland Nazomerfestival bestaat 10 jaar. De formule blijkt ijzersterk. Twaalf dagen lang spelen vier locatievoorstellingen op verschillende plaatsen in Zeeland, en in Middelburg vormt het middeleeuwse Abdijplein het bruisende festivalhart. Het ZNF onderscheidt zich van andere Nederlandse festivals doordat de voorstellingen geen reprises zijn van stukken die eerder elders in het land te zien waren. Theaterproductiehuis Zeelandia produceert de voorstellingen specifiek voor dit festival.
Het jubileumjaar opent met De Misantroop van Molière, waarin de Franse toneelschrijver de hypocrisie en het opportunisme van de hoge kringen bekritiseert. Het toneelstuk wordt opgevoerd in de tuin van de monumentale buitenplaats Overduin in Oostkapelle. Vroeger resideerde hier de rijke burgerij en nu dartelt de jonge weduwe Célimène (Pauline Greidanus) over het bordes, achter de ramen en op het balkon. Haar decadente bezoekers rijden in auto’s af en aan en ook brommers scheuren door de chique tuin die vol staat met bovenmaatse tuinmeubelen die lijken te zijn opgetrokken uit gladgeschoren buxus.
Locatie heeft een hoofdrol
Het publiek zit op een tribune tegenover de villa. Vogels trekken over, imposante bomen wuiven en langzaam valt de avond. Naast het feit dat de spelers het huis in en uit lopen, zorgen uitgekiend lichtspel en projecties ervoor dat de villa een onlosmakelijk onderdeel wordt van de voorstelling. Dat is de kracht van het ZNF; de voorstellingen zijn visueel zo indringend dat de beelden jaren later nog steeds op het netvlies van de bezoeker staan.
De locatie wordt echter niet alleen gekozen vanwege het visuele effect. Alex Mallems, de Vlaamse artistiek leider van het festival, zoekt altijd naar plekken die het te spelen stuk een meerwaarde geven. Zo werd bijvoorbeeld in 2002 de opera The Lighthouse van Maxwel opgevoerd in de Westerscheldetunnel die op dat moment haar voltooiing naderde. In 2003 werd Philoktetes, over de verbannen Griekse held, gespeeld op het onbewoonde eilandje de Haringvreter in de Oosterschelde.
Soms wordt een toneelklassieker geschikt bevonden, zoals dit jaar De Misantroop. Soms wordt een stuk aangepast aan de locatie en vaak ook geeft het Zeeland Nazomerfestival schrijfopdrachten. Dat gebeurde dit jaar in het geval van Vlammenstad. Judith de Rijke schreef twee indrukwekkende én speelse monologen naar aanleiding van het bombardement dat 70 jaar geleden Middelburg trof. Op twee verschillende plekken in de Middelburgse Abdij spelen Bram Kwekkeboom en Adri Overbeke de monologen die ieder op zichzelf staan en toch overal verbindingen blijken te hebben.
Vlammenstad heeft daarmee alles in zich waarmee het ZNF zich al tien jaar lang profileert: bijzondere locatie die het stuk een extra dimensie geeft, een Zeeuws thema dat door de interpretatie van de schrijver een nieuw licht werpt op de geschiedenis en top vakmensen die het geheel verrassend uitvoeren.
Tags: Adri Overbeeke, Beachclub Zuiderduin, Bram Kwekkeboom, Haringvreter, Judith de Rijcke, Marjon Sarneel, Maxwell, Molière, Pauline Greidanus, Philoktetes, The Lighthouse, villa Overduin, Vlammenstad, Westerscheldetunnel, Zeeland Nazomerfestival, ZNF
Posted in Reportage, Theater | No Comments »
zondag, augustus 29th, 2010
‘Fringe’ staat voor veelzijdig en multidisciplinair theater aan de rand van het theaterlandschap. Fringe Festivals over de hele wereld zijn broedplekken voor talent, voor het meer alternatieve theater, en ze zorgen er bovendien voor dat je de gaststad op een interessante manier leert kennen. CultuurBewust.nl komt alvast in de stemming voor het Amsterdam Fringe Festival (2 t/m 12 september) door in New York het FringeNYC te bezoeken.
Theater met de F van Fringe
Terwijl de talloze billboards op Times Square iedere voorbijganger verleiden de wereldberoemde musicals op Broadway bij te wonen, gebeurt er downtown in de kleine, intieme theaterzaaltjes ook iets spannends. 13 t/m 29 augustus wordt daar het New York International Fringe Festival gehouden. Deze 14de editie van FringeNYC leverde zo’n 200 ‘low budget’-voorstellingen op, verspreid over 18 verschillende podia. De variatie in genres is enorm: komedie, drama, musicals, performance art, poppentheater, multi-media, spoken word/poëzie, vaudeville en dans. Wat betreft diversiteit in onderwerpen is de lijst bijna absurd uitvoerig. Variëteit en experiment zijn wel de meest kenmerkende eigenschappen van een Fringe festival. In New York zelf omschrijven de media het festival als avant-gardistisch Off-Off-Broadway theater en zelfs de Lonely Planet van NYC typeert het festival als ‘a great showcase for discovering new, edgy works’. Niemand zal dat ontkennen.
‘Connect with FringeNYC’, volunteer!
Het theaterfestival maakt handig gebruik van sociale media als Facebook en Twitter, zo blijf je up-to-date over Sold Out shows, previews en reviews. Tickets kosten 15 dollar in de voorverkoop en 18 dollar aan de deur. Maar er is een manier om ze gratis te krijgen: als vrijwilliger. Iedereen, echt iedereen, mag zich aanmelden bij de balie in het FringeCENTRE. Ook als je uit Nederland komt en hier op vakantie bent. Ze staan te springen om je hulp. Je krijgt inloggegevens om via internet in een schema aan te geven wanneer je wil werken. ‘Werken’ houdt in dat je gedurende een half uur voor aanvang van een voorstelling bij het betreffende theater aanwezig moet zijn. Je meldt je bij de Box Office, daar trekken ze je zo’n fluorgeel verkeershesje aan met op de rug ‘Will Call’, duwen je een stapel tickets in je handen met namen van mensen die gereserveerd hebben en uitdelen maar. It’s easypeasy! Na afloop van je shift, als de voorstelling is begonnen, krijg je in ruil voor je vrijwillige medewerking een voucher, die je weer kan inruilen voor een ticket voor een voorstelling naar keuze.
It’s showtime
Alleen al het doorbladeren van de brochure is vermakelijk, want de titels van voorstellingen zijn soms uitdagend en veelzeggend: Hamlet shut up – How my mother died of cancer, and other bedtime stories – POPE! An epic musical – Get Rich Cheating – Butterfly, butterfly, kill kill kill!
Er zijn maar weinig shows die je nieuwsgierigheid niet wekken. Of het nou de prikkelende titel is, het bizarre plaatje op de flyer, het bijzondere thema of het mysterieuze genre. Toch is het lastig kiezen als je eigenlijk niet weet wat je precies krijgt. Elke selectie is dus in principe totaal willekeurig. Zo ook deze selectie van voorstellingen die voor CultuurBewust.nl zijn bekeken: het is slechts een snelle grabbel uit de grote Fringe-ton.
Solo shows:
Namely, Muscles
Amsterdam Abortion Survivor
Faye Lane’s Beauty Shop Stories
Komische drama’s:
Heterosexuals
How my mother died of cancer, and other bedtime stories
Lost&Found
Shakespeare op het FringeNYC:
Richard 3
Tags: Claire Goossens, FringeNYC, New York, New York International Fringe Festival, NYC, Off-off-broadway, Theater
Posted in Reportage, Theater | No Comments »
donderdag, augustus 26th, 2010
Het performing arts festival Noorderzon bestaat dit jaar twintig jaar. Het festival vindt plaats in het Noorderplantsoen in Groningen en kent een uitgebreid programma bestaande uit dans, muziek, theater, multimedia en veel creatieve activiteiten voor jong en oud.
Doordat het weer dit jaar een beetje tegen valt, wordt het pas laat op de middag druk op het festivalterrein. Toch hangt er een gezellige sfeer met de vele eetkraampjes en terrasjes die verlicht worden met lampjes tussen de bomen van het park.
Tags: Rozemarijn Strubbe
Posted in Fotoreportage, Theater | No Comments »
donderdag, augustus 26th, 2010
Een hoofd vol van Theater de Citadel is nu te zien op het Noorderzon Festival in Groningen. Het is een intieme voorstelling voor jong en oud waarin filosofische vragen een kinderlijke nieuwsgierigheid oproepen.
Als je nog klein bent, voel je je nog een spreekwoordelijk ei. Je moet de wereld nog ontdekken. Het meisje in de voorstelling Een hoofd vol voelt zich ook een ei. Een ei dat over de wereld loopt en alles wil aanraken, voelen en begrijpen. Ze wil op reis en vraagt zich af of er een wereld is die op haar wacht.
Een filosofische ontdekkingsreis
Een hoofd vol is een ontdekkingsreis door middel van spel, dans en animatie. Uit de voorstelling blijkt echter dat het stellen van vragen de beste manier is om dingen te ontdekken over de wereld. Het meisje in de voorstelling stelt zichzelf voortdurend vragen over de dingen in de wereld: ‘Waarom heet een stoel een stoel?’ en ‘Is jouw blauw net zo blauw als mijn blauw?’ Het zijn vragen waar je niet een, twee, drie een antwoord op hebt, maar door vragen te stellen ontstaat de drang om dingen te weten te komen.
De voorstelling wordt gespeeld door actrice Saskia Driessen en danseres Bibi Yann Bakker. Met subtiele verwijzingen naar de bewegingen van echte kleuters, spelen de actrices voortdurend een spel met elkaar en dagen ze elkaar uit. De een stelt voortdurend vragen en de ander verbeeldt de vragen in haar dans. Het dansende meisje blijkt in het hoofd van het vragende meisje te zitten. Ze kunnen elkaar horen denken en na een tijdje zelfs met elkaar praten. Als publiek krijg je soms het gevoel dat je niet deel uitmaakt van het spel van de spelers en dat ze allerlei geheimen delen die het publiek niet mag horen. Bovendien mist het spel actie doordat er vooral vragen worden gesteld, maar er verder weinig met die vragen gedaan wordt en ze niet beantwoord worden.
Filosofie verbeeld in animatie
De vormgeving van Een hoofd vol is sober, maar heeft wel een mooie lieflijke uitstraling. Het publiek bevindt zich in een intieme witte doos en kan plaatsnemen op houten bankjes. Op het podium bevinden zich twee houten dozen waar de actrices in kunnen klimmen en op kunnen klauteren, maar waar ook verschillende animaties en filmpjes op geprojecteerd worden. Het achterdoek is een projectiescherm voor de kinderlijke tekeningen die de filosofische vragen op een speelse manier verbeelden. Als in een film wordt het publiek mee op reis genomen door de bossen, in de wolken en langs de wolkenkrabbers.
Een hoofd vol is bedoeld voor kinderen vanaf vier jaar oud, maar in het kader van het festival Noorderzon wordt er gespeeld voor jong en oud. De voorstelling is ook interessant voor volwassenen: het publiek wordt uitgedaagd om zijn verbeeldingskracht te gebruiken en met een nieuwsgierige blik de wereld te bekijken, alsof alles nog nieuw voor hen is.
Tags: dans, De Citadel, Een hoofd vol, festival, filosfie, Groningen, hoofd, Jeugdtheater, noorderzon, Rozemarijn, Rozemarijn Strubbe, spel, Theater, voorstelling
Posted in Recensie, Theater | No Comments »