ProzArt: Het Gouden Lotus servies

november 23rd, 2014

Henk Baantjes loopt na een lange dag naar de tram. Het is acht uur ‘s avonds, het Waterlooplein is verlaten. Uit de café’s komt licht, warmte en geroezemoes. Hij hoopt dat ze morgen die stomme doos wel kunnen vinden. De hele dag zijn alle teams bezig geweest met zoeken, het enige dat ze hadden vonden was een achtergelaten voorraad latex handschoenen. Hopelijk kost hem dit niet weer zijn baan, dat zou de vierde keer zijn dit jaar.

23 september 2014 (ANP) Tot op de dag van vandaag staan zowel de directie van de Hermitage Amsterdam, de Amsterdamse politie en de gemeente Amsterdam voor een raadsel. Tien jaar geleden verdween tijdens de inrichting van Hermitage Amsterdam het Gouden Lotus servies. Het tachtigdelige theeservies dat beging 19e eeuw door Frankrijk aan het Russische hof werd geschonken is nog steeds spoorloos. Geruchten dat het servies nooit vanuit Rusland is opgestuurd, of zelfs nooit heeft bestaan worden door alle partijen ontkend. Men gaat nog steeds uit van diefstal, hoewel nooit braaksporen zijn gevonden.

Langs de Nieuwe Herengracht loopt een oude vrouw met twee zware boodschappentassen. Haar grijze haren zijn vettig en plakken in dunne strengen aan haar gezicht. De bontjas die ze draagt is verschoten en aangevreten door motten. Langzaam schuifelt ze langs de gracht, niet gehinderd door de ongeduldige toeristen of de gehaaste fietsers. Hulp van passanten wijst ze beleefd, in slecht Nederlands af. Eenmaal in de metro merkt niemand het vrouwtje, dat een boodschappentas omhelst alsof het haar enige bezit is, meer op.

In een eenkamerappartementje in Amsterdam Oost is het warm en benauwd. Veertig kaarsen verlichten de twee aardappels en het hoopje gebakken uien op het met bladgoud versierde bord. Op een stapel paperassen naast de kledingkast staat de theepot, ernaast staan twintig gebaksbordjes op de grond. De kopjes staan in de vensterbank. Vanuit alle hoeken van de kamer glinstert het servies het oude vrouwtje tegemoet. Ooit, lang geleden, zag ze dit eerder. Anastasia Nikolajevna Romanov huilt.

*

Momenteel is in de Hermitage Amsterdam Dining with the Tsars te zien, over het rijke hofleven, het servies en de eetgewoonten van de laatste drie generaties Romanov. Maar liefst acht serviezen, bestaande uit 1034 onderdelen zijn te bezichtigen. Dining with the Tsars is nog  tot 1 maart 2014 te zien in de Hermitage Amsterdam.  

Tags: , ,
Posted in Kort verhaal, Kunst | No Comments »

Nacht voor het feest is geen feest voor de lezer

november 23rd, 2014

De Duits-Bosnische schrijver Saša Stanišić debuteerde met het lovend ontvangen Hoe een soldaat de grammofoon repareert. Na vier jaar op het Duitse platteland te hebben doorgebracht, is hij nu terug met een ode aan het dorpse leven. Maar hoewel het verhaal doorspekt is met nostalgische terugblikken, blijft een afsluitende climax helaas uit.

In Fürstenfelde vieren de dorpelingen al jarenlang jaarlijks het Annafeest, waarbij ofwel een pop ofwel een heks wordt verbrand: wat hen op dat moment het beste uitkomt. Ze vieren dit feest als traditie, maar niemand lijkt er echt zin in te hebben. Meneer Schramm, oud-generaal, is depressief en wil zelfmoord plegen. Mevrouw Kranz, de dorpsschilderes, probeert het dorp bij nacht te schilderen, maar faalt daar jammerlijk in. En zo maakt elke dorpeling wel iets tragisch mee, terwijl het feest nadert.

Heden en verleden

Omdat het Annafeest al zo lang wordt gevierd, hebben alle dorpelingen herinneringen aan vroegere feesten en wat daaromheen gebeurde. Stanišić verweeft heden en verleden dan ook met elkaar, Daarbij lopen ook alle verhaallijnen van de personages door elkaar. Dit doet hij zowel door gedachtestromen te beschrijven als door tussenstukken in ouderwets ogend taalgebruik in te voegen. ‘1613, de 23ste Septembris, is alhier met gruwelyck geraes de kerckspits door de donder in twee stukken gekliefd’. Omdat deze taal bedacht is, komt dit nogal gekunsteld over. Dit taalgebruik leidt van het verhaal af en komt het dan ook niet ten goede.

Geen richting

Stanišić maakt het lastig alle verhaallijnen uit elkaar te houden, doordat hij alle personages met elkaar verbindt en alle verhalen een treurige achtergrond hebben. Ook lijken de karakters geen toekomst of doel te hebben: ze leven naar een feest toe waar ze eigenlijk geen zin in hebben. Als lezer wacht je op een climax waarin alles samenkomt, maar deze climax blijft helaas uit. ‘Ze had eromheen gedraaid. En eromheen draaien – misschien is eromheen draaien wel het enige waarin meneer Schramm nog altijd een soldaat is’. Helaas draait Stanišić ook driehonderd pagina’s lang om het verhaal heen.

Tags: , , , ,
Posted in Literatuur, Recensie | No Comments »

Piepschuim op recept is een aanrader voor elke dip

november 22nd, 2014

Met alweer hun vijfde kleinkunstvoorstelling toeren de heren van Piepschuim langs de kleinere theaters van Nederland. De plot van Op Recept is rond, slapstick en serieuze onderwerpen zijn perfect in balans en de mannen zijn virtuoos op een tiental instrumenten.

Dichterlijke liedjes, virtuoze saxofoonsolo’s en humoristische sketches doen vermoeden dat de mannen van Piepschuim elkaar zijn tegengekomen op de Kleinkunstacademie. Niets is minder waar. Cor Burger (zang, gitaar, banjo) studeerde Nederlands en filosofie, Jacco Westeneng (gitaar, toetsen, neusfluit, ukelele) volgde de opleiding tot fysiotherapeut en Robbert Koekoek (saxofoon, cajón, basklarinet, blokfluit) waagde zich zelfs aan planologie. Dat ze toch in het theater zijn beland, is een geluk voor het publiek, dat na een avondje Piepschuim opgewekt naar huis toe gaat.

Energie

Cor, Jacco en Robbert hebben sinds 2010 een fulltime baan aan Piepschuim. Dat ze daar nog iedere dag dankbaar voor zijn, straalt vanaf de eerste seconde van hun gezichten. Hun enthousiasme werkt aanstekelijk en het duurt niet lang voordat de hele zaal meezingt: “Participeeeeeren, kun je leeeeeeren.” Van de energie die de interactie veroorzaakt, kun je je mooi even opladen voor de naderende winter. En daarmee gaat de wens van Piepschuim – om het pil-loze recept tegen een (winter)dip te zijn – in vervulling.

Mooie teksten

Vooral taalfilosoof Cor heeft een natuurlijke manier van vertellen. Als hij een zondagsochtendritueel met croissantjes, zelfgemaakte jam en koffie schetst, dan zit je zo bij hem aan de ontbijttafel. De taalkunst zit ook in de liedjes, die óf heel grappig zijn en bijvoorbeeld over het vrouwelijk geslachtsorgaan gaan (“oh guttogut, oh guttogut, waarom is er geen gezellig woord voor …”), of een gevoelige snaar raken als ze een onderwerp als kanker of dementie aansnijden (“er staat een foto op de schouw, met daarop een oude vrouw. Ik heb geen idee wie zij moet zijn”).

De vlotte afwisseling van slapstick en pijnlijke passages zorgen voor een uitstekende dynamiek, waardoor het einde van de voorstelling veel te snel nadert. Gelukkig schrijft de dokter ook herhaalrecepten uit.

Tags: , , , ,
Posted in Recensie, Theater | No Comments »

Regisseur Hanna Polak over Something Better to Come: “Het maken van deze film was een gevaarlijke klus”

november 22nd, 2014

De Poolse regisseur Hanna Polak had veel succes met de korte documentaire The Children of Leningradsky, over straatkinderen in Moskou. In haar nieuwe documentaire Something Better to Come volgt ze opnieuw straatkinderen in de Russische hoofdstad, maar nu op de grootste vuilnisbelt van Europa. “Dit is één van de mooiste en tegelijkertijd moeilijkste projecten waar ik tot nu toe aan heb gewerkt.”

Wanneer Skype verbinding maakt, hoor ik na twee keer rinkelen een enthousiaste Polak die opneemt vanuit de auto in Polen. Ze vertrekt bijna naar Amsterdam waar Something Better to Come in wereldpremière gaat op het IDFA. “Het is gekkenwerk, er moeten nog zoveel technische dingen geregeld worden! Maar verder gaat het goed, daar ben ik blij om.”, aldus de regisseur.

Veertien jaar filmen

Na The Children of Leningradsky is Polak met de lange documentaire Something Better to Come nog dieper in het leven van dakloze kinderen in Moskou gedoken. Polak kwam met deze kinderen in aanraking toen ze liefdadigheidswerk deed. “Ik kookte in weeshuizen, ging langs bij sociale hulpcentra voor ouderen en via die weg kwam ik in contact met straatkinderen. Daar werd ik zo door geraakt, ik wilde de kinderen echt helpen om van de straat te blijven. Ik ben er een film over gaan maken en The Children of Leningradsky was het resultaat. Tijdens dit maakproces had ik ook kinderen gefilmd die op de grootste vuilnisbelt van Europa aan de rand van Moskou woonden. Daar wilde ik heel graag meer mee doen en zo is het veertienjarige proces rondom Something Better to Come begonnen.”

Enge honden

In de documentaire volgen we hoofdperoon Yula van een elfjarig meisje tot een zwangere adolescent, wonend op een gigantische vuilnisbelt. Niet bepaald een gemakkelijke filmlocatie. “Filmen op de vuilnisbelt was strikt verboden en daarom alleen al een gevaarlijke klus. Het is ook een heel ontoegankelijk gebied met hoge hekken en bulldozers die constant aan het vuil storten zijn. Vaak was het lastig om Yula überhaupt te vinden als ik kwam filmen, de mensen die op de vuilnisbelt wonen verplaatsen zich elke keer met het vuilnis mee. Doodsbang was ik voor de honden op de stortplaats, die hebben ons meerdere keren aangevallen.”

Toch bleef de filmmaakster terugkomen, ondanks het grote leed op de vuilnisbelt. “Daar continue mee bezig zijn was lastig, maar het is een beetje zoals bij een dokter. Die ziet veel nare dingen, maar weet dat hij iets moet doen om zijn mensen te helpen. Dat gevoel had ik ook. Daarbij is het heel belonend om met deze mensen om te gaan, om ze te helpen. Je wordt echt rijker van binnen. Het is niet alleen maar zwartgallig, ik heb hier heel veel mooie herinneringen en vriendschappen aan over gehouden.”

Warme ontvangst

Wat vonden de mensen op de vuilnisbelt er eigenlijk van dat Polak hun leven kwam vastleggen? “Ze voelden zich omarmd door de aandacht. Ik luisterde naar ze en accepteerde ze. Voor veel mensen zijn bewoners van de vuilnisbelt niks waard. Ik ontving enorm veel menselijkheid en vriendelijkheid. Op zo’n plek is er geen tijd voor materialisme, het gaat om overleven. Als iemand niet gefilmd wilde worden, deed ik dat ook niet. Toen de film af was vroeg Yula wat ik van de mensen op de vuilnisbelt vond. Ik antwoordde dat ik nog nooit zo warm ergens was ontvangen. Ze zei dat de daklozen echt aan het wachten waren tot ik weer kwam filmen. Daar moesten we allebei even om huilen.”
Als ik Polak vraag naar het moeilijkste onderdeel van het maken van deze film, antwoordt ze dat dit het monteren was. “De complexiteit heb ik echt onderschat. Door mijn filmervaring dacht ik dat ik er niet zo lang mee bezig zou zijn, maar ik realiseerde me niet hoe moeilijk het is om een goed lopend verhaal te vertellen in een draaiperiode van veertien jaar. Het maakt deze film één van de meest mooie, maar ook één van de meest moeilijke projecten waar ik ooit aan heb gewerkt.”

Met Something Better to Come hoopt Polak dat ze, net als met The Children of Leningradsky, mensen bewust kan maken van de erbarmelijke situatie van straatkinderen. “Door het succes van The Children of Leningradsky werd ik uitgenodigd op allerlei conferenties, talkshows en evenementen om bewustzijn voor straatkinderen te creëren. Soms was ik in Moskou bij de apotheek om medicijnen te halen voor de mensen op de vuilnisbelt en dan werd ik herkend. Mensen zeiden: jij bent toch die vrouw van tv die daklozen helpt? En dan mocht ik vaak gratis wat dingen meenemen. Ik wil dat zoveel mogelijk mensen, vooral in de politiek, weten dat er straatkinderen zijn en er iets aan doen, in plaats van hun kop in het zand steken. Hopelijk gaat dat met Something Better to Come nog meer gebeuren.”

Tags: , , , , , , ,
Posted in Film, Interview, Tip | No Comments »

Dat zit wel snor: Arjen van Lith

november 22nd, 2014

Arjen van Lith is schrijver, televisiemaker, fotograaf en journalist. Hij maakte een fotoboek over zijn geboorteplaats Krommenie, schreef voor Tirade en blogde een paar jaar geleden een maand lang over zijn snor. Dat laatste resulteerde in het boek Mijn Snor, waaruit deze maand dagelijks fragmenten op de site van Movember worden geplaatst. Een gesprek over Texas, great unreadables en snorren.

Je maakt werk dat qua vorm heel erg uiteenloopt. Het enige wat steeds terugkomt, is een autobiografische thematiek. Waarom doe je dat?
Een van mijn beste vrienden Gilles van der Loo, ook schrijver, zegt: zodra je iets opschrijft, wordt het fictie. Voor mij is juist alles werkelijkheid, ook als ik die als heel onwerkelijk ervaar. Dat geeft me de vrijheid om mijn fantasie in te zetten bij het beschrijven van de wereld om me heen. De Amerikaanse schrijver David Sedaris noemt dat ‘truthiness‘ of ‘waar-achtigheid': Sedaris zet de werkelijkheid naar zijn hand. Als zijn vriendje iets is overkomen, plakt hij gewoon zijn eigen karakter op die gebeurtenis en doet hij alsof hij het zelf heeft meegemaakt. Hij doet dat om het verhaal zo sterk mogelijk te maken en het punt over te brengen. Dat doe ik ook. Ik heb een heel nauwe relatie met de werkelijkheid, maar ook een heel verstoorde en vertekende.

Je noemt een Amerikaanse schrijver als je voorbeeld. Zelf woon je een deel van het jaar in Texas. Heeft dat invloed op je schrijven?
Mijn echtgenoot woont sinds tweeënhalf jaar in Austin. Het is geen ideale situatie, maar het is wel fijn voor de privacy die ik nodig heb om te kunnen schrijven. Als ik iets uitprobeer, heb ik vaak het gevoel iets bespottelijks te maken. Alleen zijn helpt me om over die schaamte heen te komen. Daarnaast lees ik al sinds ik begon met studeren voornamelijk Amerikaanse literatuur. De beste literatuur komt momenteel daar vandaan. Het gaat daar tenminste niet altijd over mijn protestantse jeugd of mijn opa in de Tweede Wereldoorlog. Amerika is radicaler en dat is goed voor de kunst.

Streef je zelf dat radicale ook na?
Nee, ik ben zelf niet radicaal. Ik heb geen behoefte om heilige huisjes omver te schoppen, misschien omdat er voor mij ook niet zo veel heilige huisjes zijn.

Een heel boek over je snor is dan wel weer het andere uiterste. Waarom moest dat er komen?
Niet eens vanwege Movember. Ik weet niet meer hoe ik op die snor kwam, maar ik ben een groot fan van schrijvers die een experiment doen en daarover schrijven. Neem bijvoorbeeld het Amerikaanse boek Dishwasher van Pete Jordan. Hij schrijft over zijn missie om in elke staat in Amerika als afwasser te werken. Ik vind dat bijzonder boeiend, het is bijna antropologie. Als maker ervaar je even een totaal andere wereld.
Mijn snor is natuurlijk een heel klein onderwerp om over te schrijven, maar het werkt vaak goed bij het schrijven van komedie om iets kleins heel groot te maken. Ik heb de snor opgevat als een ‘man-wordingssymbool.’ Dat speelde toen ook heel erg, mijn moeder kreeg borstkanker. Dat eist van je dat je geen jongetje meer bent. Je moet je verantwoordelijkheid nemen om voor haar te zorgen. Zo werd de snor ook een queeste, er viel iets mee te winnen.

Waarom heb het boek toch gekoppeld aan Movember?
Uitgeverij De Harmonie had mij benaderd naar aanleiding van mijn stukjes voor Tirade. In eerste instantie hebben we gesproken over een roman, maar ze wilden graag al eerder iets met mij gaan doen. Op het web hadden ze mijn snorrenblog gevonden en zo ontstond het idee om hier rond november een boek van te maken.

Vind je het geen probleem dat de kern van Movember, de prostaatkanker, niet in je boek zit?
Nee. Ik draag Movember een heel warm hart toe. Mijn boek past thematisch goed bij de actie en ik heb sympathie voor de zaak. Mijn moeder is overleden aan borstkanker, de vrouwelijke variant van prostaatkanker. Beide soorten kanker zijn een statistische zekerheid. Als je maar lang genoeg leeft, krijg je het. Voor borstkanker is veel meer aandacht dan voor prostaatkanker. Bovendien vind ik het ludieke element van de actie leuk. Een snor is een van de weinige manieren waarop mannen met hun uiterlijk kunnen experimenteren. Dat neemt niet weg dat mijn boek los staat van deze actualiteit. Als je het over vijftig jaar in handen zou krijgen, kun je het gewoon lezen. 

Hoe zie je je literaire toekomst?
Ik hoop dat ik kan blijven doen wat ik altijd heb gedaan: leven van mijn fantasie. Bij De Harmonie voel ik me heel erg op mijn plek. Ik verwacht te blijven schrijven, ook aan projecten die meer tijd kosten. Zo hoop ik te groeien. Uiteindelijk zou ik best een ‘great unreadable‘ willen schrijven.

Tags: , , , , ,
Posted in Interview, Literatuur | No Comments »

Geobsedeerd door mobieltjes in De|Die|The Fledermouse

november 21st, 2014

IPods, telefoons en tablets zijn niet meer weg te denken uit onze levens. Op komische wijze maakt Opera Zuid met de voorstelling De|Die|The Fledermouse duidelijk dat mensen tegenwoordig meer bezig zijn met hun mobieltje dan met elkaar. CultuurBewust.nl sprak met de jonge regisseur Daniël van Klaveren over de stoffigheid van opera, dubbellevens op het internet en zijn eigen social mediagebruik.

Tags: , , ,
Posted in CultuurBewustTV, Site, Theater | No Comments »

Rechtspraak en persoonlijke strubbelingen worden in De kinderwet wondermooi verweven

november 21st, 2014

Dat Ian McEwan meester is in karakteromschrijvingen, bleek al uit zijn eerder gepubliceerde romans, waaronder Boetekleed en Amsterdam. In De kinderwet bewijst McEwan dit talent nog steeds te bezitten. Het werk- en privéleven van de kinderrechter Fiona Maye vormen de verhaallijnen van de roman. Zij velt haar juridisch oordeel in een zaak waarin wetenschap en religie haaks op elkaar staan.

Fiona krijgt te maken met een lastige zaak, waarin een 17-jarige jongen een noodzakelijke bloedtransfusie weigert omdat dit in strijd is met zijn geloof als Jehova’s getuige. In deze zaak staan het ziekenhuis en de ouders van de jongen tegenover elkaar. De alom gewaardeerde kinderrechter heeft een dag om tot haar uitspraak te komen. Het lot van de 17-jarige Adam ligt in haar handen.

Trage opbouw

In het eerste deel van de roman behandelt de kinderrechter verscheidene rechtszaken. De dichterlijke schrijfstijl van McEwan waarmee zowel personages als de setting worden beschreven leidt de lezer door de ietwat droge pleidooien heen. ‘Het magere lijf van de moeder bleef deels verscholen achter haar advocaat en leek nog verder te krimpen naarmate de argumenten abstracter werden.’ De roman blijkt meer schwung te krijgen op het moment dat Fiona bij de zaak van Adam terecht komt en de twee elkaar leren kennen.

Twee verhaallijnen

Mc Ewan weet hoe hij zijn lezer moet boeien. Voordat er überhaupt over een zaak van de kinderrechter wordt gesproken, blijkt dat Jack, de man van Fiona, vreemd is gegaan met een jongere vrouw. ‘Fiona, wanneer hebben wij voor het laatst gevrijd’ blijkt zijn reden en de twee splitsen zich op. Het persoonlijk leven van Fiona lijkt zich meer te mengen in haar werk dan ze wil. Ook in de zaak van Adam leveren haar relatiestrubbelingen een moment van zwakte op. Fiona gaat langs bij Adam voor een gesprek. Hun gedeelde passie voor muziek leidt tot een te persoonlijke benadering. Deze heeft verregaande gevolgen.

In De kinderwet wordt de confrontatie tussen recht en geloof dichterlijk omschreven. De kracht van Ian McEwan schuilt in de verdieping van zijn personages. Dit maakt een ethische kwestie tot een diepgaande, maar ook levendige roman.

Tags: , , , ,
Posted in Literatuur, Recensie | No Comments »

« Older Entries |

Volg ons

Nieuwsbrief

Ja, ik ontvang graag tweewekelijks de tofste culturele uitgaanstips.