Gustaaf Peek schept in Godin, Held een verlangen op afstand

november 24th, 2014

In het vierde boek van Gustaaf Peek beschrijft hij de liefdesgeschiedenis van Marius en Tessa, en doet dit achterstevoren. Het begint met de begrafenis en eindigt met hun ontmoeting, en daartussen de erotische avonturen die ze heimelijk opzoeken. Een beschrijving die de kritische lezer doet wantrouwen, maar Peek schrijft met Godin, held een prachtig verhaal.

Doordat Peek het verhaal bij het einde begint en de verhaallijnen grillig opzet, wordt het de lezer niet makkelijk gemaakt. In het begin, hoofdstuk 50, is er nog weinig helder. Richting hoofdstuk 0 komt de compositie langzaam in zicht, en is het duidelijk dat Marius en Tessa al een leven lang naar elkaar verlangen. Gedurende de vele seksscènes ontstaat de vraag of de liefde overwint, en waarom ze in vredesnaam niet bij elkaar blijven.

De liefde

Beiden zijn met een ander getrouwd, maar zij komen nauwelijks in beeld. Marius en Tessa zitten in een luchtbubbel, de rest doet er niet toe, ze leven op een vreemd bed zonder buitenwereld. Het lijkt alsof hun hunkering blijft bestaan door de afstand die ze houden. Ondanks hun klaarblijkelijke liefde zoeken ze elkaar alleen af en toe op in hotelkamers. Het is fantastisch om een goede roman te lezen waarin het lijkt alsof de liefde overwint, maar de vraag is of ze wel echt overwint als het de geliefden niet lukt om bij elkaar te zijn.

Jouw schrijver

Waar men verwacht dat een boek suf wordt als het enkel bestaat uit twee mensen die niets anders doen dan elkaar aanraken, levert Peek toch een fijnzinnige roman. Een dialoog tussen Marius en Tessa laat zien hoe mooi literatuur voor de liefde kan zijn. Het betreft een scène aangaande Tessa’s ambities als schrijver. ‘Wie leest dan jouw boeken? Jij. Maar wat als ik ze niet goed vind? Dan blijf ik ze gewoon schrijven, tot er een bij zit die je wel mooi vindt. Wat als ik eerder doodga dan jij? (…) Dan schrijf ik over jou en ben ik de enige die het leest. Je bent raar. Ik ben jouw schrijver.’ Met dit soort gesprekken schrijft Peek vanuit een chaotisch, onvervuld einde naar een hoopvol, veelbelovend begin.

Tags: , , , ,
Posted in Literatuur, Recensie | No Comments »

Jong talent speelt met frictie mens en machine op Jonge Harten Festival

november 24th, 2014

Een grote paspop staat in een feestelijke jurk van boterhamzakjes die de bezoeker zelf kan opblazen met luchtpompjes. We zijn in het kloppende hart van het Jonge Harten Festival in Groningen. Al voor de 17e keer vindt dit festival plaats in verschillende theaters en pop-up locaties in de binnenstad. Voor de complete festivalbeleving is er een hip festivalcafé ingericht waar na de voorstelling theatermakers en bezoekers elkaar ontmoeten.

Op deze drukbezochte openingsavond zijn de paar tafels en stoelen bezet, dus zitten de meeste mensen met een biertje op de grond. De muren in het Jonge Harten 2D café zijn bedekt met tapijten. In deze ontspannen sfeer nodigt festivaldirecteur Marga Kroodsma de wethouder van cultuur (met 27 jaar past hij ‘nog net in de doelgroep’), Paul de Rook, uit om het festival officieel te openen. “Heel Nederland doet een stap terug in de culturele sector, maar Groningen doet er een stap bij”, zegt hij enthousiast. Ooit stond hij zelf op het festival, naar eigen zeggen niet omdat hij zo goed was, maar omdat hij van Jonge Harten de kans kreeg.

Kansen

Dat jongeren, studenten voornamelijk, een kans krijgen zich op dit festival te laten zien is goed te merken. Niet alleen de uitvoerenden krijgen een podium om van zich te laten horen, maar de hele sfeer daaromheen ademt speelsheid. Bij binnenkomst staan twee jonge meiden het publiek te verwelkomen, en de locatie is aangekleed met installatiekunstwerken gemaakt door studenten van Academie Minerva. Een groepje van tien studenten clustert op de opening bij elkaar, zij duiken vanavond achter de computer om interviews, sfeerverslagen en recensies voor de blog te typen. Zo maakt het Jonge Harten Festival zijn eigen doelgroep tot gezicht van de organisatie, en met succes: tijdens de openingsavond zitten de zaaltjes tjokvol jong publiek.

No Filter

Bij het zoeken naar geschikte voorstellingen voor het festival bleek veel jong talent bezig te zijn met eenzelfde onderwerp, namelijk de hedendaagse tegenreactie op technologie en maakbaarheid. Zo diende het festivalthema van dit jaar zich aan: #No Filter. Breien, tuinieren en mensen ontmoeten op festivals in plaats van op het ontluisterende platform dat Facebook heet, zijn steeds meer in zwang. Deze frictie tussen de lonkende mogelijkheden van de onbegrensde technologie en de simpele mens van vlees en bloed, is ook het uitgangspunt in de voorstelling RO-BOT van Firma DRAAK, waarin twee acteurs een science-fiction-achtige setting schetsen.

Wolkenkrabbers

De voorstelling vindt plaats in hetzelfde leegstaande en kale pand als waar het festivalcafé gevestigd is. In een kale ruimte met weinig middelen beelden ze toch een verhaal uit waarin je meegaat: een verzameling cd-rekjes verbeeldt een futuristische partij wolkenkrabbers. Rook en ledlampjes zetten een overtuigende grimmige sfeer neer van een stad waarin robots en drones de macht over dreigen te nemen. Een niet onwerkelijk angstbeeld van de toekomst. Zo zorgt het festival voor een juiste balans tussen diepgang en ontspanning. Een echte aanrader voor jonge mensen die, in een ongedwongen sfeer, zich durven te laten verrassen.

Tags: , , , , , , ,
Posted in Reportage, Theater, Tip | No Comments »

Artistiek leider Rajae El Mouhandiz over Hijabi Monologen: “De moslima is hot”

november 24th, 2014

Ze stonden in Trouw, ze zaten aan tafel bij Pauw en nu worden ze platgebeld door alle persdiensten. De dames van Hijabi Monologen weten niet wat hen overkomt. Artistiek leider Rajae El Mouhandiz vertelt over dit stuk waarin de Nederlandse moslima aan het woord is. “We hebben keihard moeten knokken, maar nu wil iedereen ons vriendje zijn.”

Het gaat goed hè, met Hijabi Monologen!
“Ja, het is bizar. Alle voorstellingen zijn aan het uitverkopen en heel veel redacties hebben interesse. We krijgen ook veel telefoontjes van scholen, die naar de voorstelling willen komen kijken. Ineens wil iedereen luisteren, dat is heel apart als je er lang voor hebt moeten knokken.”

Hoe is dat proces verlopen?
“Ik kreeg in 2012 een kleine stipendium uit Ierland van de British Council en een licentie om dit stuk in Nederland te produceren (Hijabi Monologen komt oorspronkelijk uit Amerika, red.) en ik besloot om het te investeren. Aanvankelijk reageerde alleen Theater Zuidplein in Rotterdam enthousiast. Nu loopt het storm en wil ineens iedereen ons vriendje zijn. Daar ben ik heel blij mee, ik heb er twee en een half jaar van mijn vrije tijd ingestopt. Ik heb nog geen kinderen, dus dan kun je dat soort dingen doen. Het was een persoonlijke missie, de voorstelling raakt belangrijk maatschappelijk debat aan. Er wordt heel veel over moslima’s in Nederland gesproken, maar ik hoor ze zelf nooit aan het woord.”

Waar gaat Hijabi Monologen over?
“Het gaat over de levens van een groep Nederlandse moslima’s, die een hoofddoek dragen. Zij vertellen niet zoals je zou denken verhalen over de hoofddoek, maar waargebeurde verhalen van zichzelf en ook van de vrouwen uit de voorstellingen in Amerika, vertaald naar de Nederlandse taal en context. Ze laten de moslima zien in haar volledigheid, met humor en meerdere culturele identiteiten. Door de voorstelling krijg je een beter beeld van deze vrouwen. De dramaturgie gaat over ontmoeting. In Nederland ontmoeten moslima’s en veel andere bevolkingsgroepen elkaar nauwelijks, omdat je niet weet wat voor vragen je elkaar moet stellen.”

Hoe bedoel je dat?
“Iedereen heeft vooroordelen. Als je mij ziet denk je dingen van me voordat je me kent, als ik jou zie ook. Een vraag aan jou: koop je wel eens iets bij de IKEA? Ja? Vertegenwoordig je dan iedereen die wel eens iets bij de IKEA koopt? Nee. Zo werkt het niet en ik vind dat het debat over moslima’s in Nederland tekort doet, omdat er vrijwel alleen wordt ingezoomd op hun etnische en religieuze identiteiten en de uiterlijke kenmerken daarvan, zoals de hoofddoek. In deze voorstelling zie je dat ze niet aan een bepaald beeld voldoen en dat ze behalve moslima ook heel erg Amsterdams of Limburgs zijn.”

Zijn de vrouwen in de voorstelling echte actrices?
 “De meesten niet, daar hebben we bewust voor gekozen. Het is goed om talentontwikkeling te starten, deze voorstelling is een kickstart in hun loopbaan. Eén meisje studeert regie aan de filmacademie, een speelt in Spangas, voor de rest zijn het allemaal vrouwen uit vooraf georganiseerde workshops die hiervoor weinig met de theaterwereld te maken hadden. Ik vraag me af hoe het kan dat meiden in Marokko, Turkije of Somalië wel naar de toneelschool gaan en dat er in Nederland maar één moslima op de filmacademie zit. Mijn statement is dan ook om uit te stralen dat deze meiden juist mee moeten doen en zich niet moeten laten beletten. Op de première waren acteurs Achmed Akkabi en Nasrdin Dchar aanwezig. Die jongens zeiden: ‘wow dat was echt heel tof’. Mijn droom is dat die meiden ook zo groot worden.”

Hoe is het publiek dat komt kijken?
“Heel gemeleerd; jong, oud, blank, moslim, cultureel divers. De moslima is niet etnisch te framen, met maar een of twee identiteiten. Ze is een vrouw met meerdere lagen en daarom is ze hot. De marketing van deze voorstelling is dan ook heel fris. We hebben in Trouw gestaan, bij Pauw in de show gezeten en de telefoon gloeit rood, we bereiken heel veel mensen. Dat was ook mijn doel, de meiden zo mainstream mogelijk neerzetten zodat ze een zo breed mogelijk publiek aanspreken, en dat is gelukt. Gemiddeld waardeert het publiek de voorstelling na afloop met een acht. Feedback is heel belangrijk, we beginnen net en willen echt dat mensen kritisch met ons meekijken. Eigenlijk ben ik nu al waar ik wil zijn. Het volgende doel is om de verhalen nog verder op te tekenen, nog meer vrouwen in workshops hun verhaal te laten doen en de actrices verder te professionaliseren. En ik mis nog een Nederlands persoon, iemand die bekeerd is. Ook zou een Aziatische en Turkse moslima zorgen voor nog meer representatie en gelaagdheid. Maar ik ben er van overtuigd dat we die in de toekomst gaan vinden.”

Wat zou je tegen de lezer zeggen om naar Hijabi Monologen te komen kijken?
“Kom ontmoeten. Want wij willen jou ontmoeten.”

Donderdag 4 december is Hijabi Monologen om 20.30 uur te zien in Podium Mozaïek te Amsterdam.

Tags: , , , , ,
Posted in Interview, Theater | No Comments »

Hoe is het nu met…regisseur Anne-Marie van Oosteren van De Eenzame Fietser?

november 24th, 2014

Wanneer de zoon van Anne-Marie vier jaar oud is, krijgt hij een ernstig ongeluk. Yannick weegt zelf ongeveer twintig kilo wanneer hij een kast van driehonderd kilo boven op zich krijgt in een winkel. Na dit ongeluk is hij er zeer ernstig aan toe, maar een aantal weken later herstelt hij op miraculeuze wijze. Aan het ongeval houdt hij een hersenletsel over. In dit interview vertelt documentairemaakster Anne-Marie van Oosteren over De Eenzame Fietser, waarin ze haar zoon volgt in zijn eindexamenjaar en in de keuze voor een geschikte vervolgopleiding. Deze documentaire is mede tot stand gekomen door crowdfunding platform Voordekunst. 

De Eenzame Fietser is een documentaire met een aangrijpend verhaal uit je persoonlijke leven. Wanneer was je klaar om het verhaal van je zoon te vertellen door middel van deze documentaire?
“Het heeft heel lang geduurd voordat ik daaraan toe was. Na het ongeluk werd voor mij gelijk duidelijk dat er weinig bekend was over niet-aangeboren hersenletsel. Toen leek het me al een goed onderwerp voor een documentaire. Mijn idee was om er een film over te maken met iemand anders in de hoofdrol. Wanneer ik hierover over praatte, vroegen mensen  zich af waarom ik het onderwerp van niet-aangeboren hersenletsel interessant vond. Ik vertelde dan het verhaal van mijn zoon en merkte dat mensen meer over ons verhaal wilden weten. Op een gegeven moment viel het kwartje. Ik realiseerde me dat ik zelf met de billen bloot moest. Ik was er klaar voor om ons verhaal naar buiten te brengen. Mijn producent Moved Media bracht me in contact met Vilans:  een organisatie voor langdurige zorg. Ze hadden ontzettend veel belangstelling en hebben de film geadopteerd. Dit in combinatie met mijn eigen gemoedstoestand zorgde ervoor dat ik wist dat dit het moment was om de film te gaan maken.”

Van te voren heb je als documentairemaker natuurlijk een bepaald beeld bij de uitwerking van je idee. Komt de voltooide film overeen met wat je oorspronkelijk in je hoofd had?
“Dat is eigenlijk wel een grappig verhaal. Tijdens het filmen, wat een jaar duurde, kwam ik er achter dat de film minder over Yannick ging en meer over mezelf. In eerste instantie had ik het idee dat het helemaal over Yannick zou gaan. Maar het bleek dat het net zo goed ging over de gevolgen van het ongeluk voor mij. Daar kwam ik echt pas achter tijdens het maken van de film. Achteraf ben ik blij dat die extra laag erin is gekomen.”

Zoals je zegt gaat de documentaire in eerste instantie over Yannick. Wat vond hij ervan dat er een film gemaakt werd over hem?
“Toen ik het idee voor de documentaire voorlegde aan Yannick,ging hij akkoord. Voordat we begonnen met filmen vond hij het idee dat er een film over hem gemaakt zou worden heel interessant. Tijdens het filmen vond  hij de uitkomst niet altijd even geslaagd, maar gelukkig is hij wel mee blijven werken. Toen de film eenmaal af was, vond ik het hartstikke spannend om deze aan hem te laten zien. Ik vond het heel belangrijk dat hij er achter zou staan. Met zweet in mijn handen zat ik naast hem. Gelukkig was hij heel positief. Hij reageerde door te zeggen dat de film ervoor zorgt dat mensen gaan begrijpen hoe het is om hersenletsel te hebben.”

Heeft de film dan ook persoonlijke effecten gehad op Yannick?
“Uiteindelijk heeft alle publiciteit rondom de documentaire denk ik veel gedaan met zijn acceptatie. Een voorbeeld is dat hij voetballen heel leuk vindt en er graag naar kijkt. In de documentaire zie je hem ook naar zijn favoriete club gaan, FC Den Bosch. Ik heb wel eens gezegd dat hij misschien bij een G-voetbalclub, een club voor mensen met een beperking, kon gaan. Daar wilde hij nooit wat van weten. Een tijdje na het maken van de film wilde hij het toch proberen. Hij voetbalt nu bij een club en zit er helemaal op z’n plek. Hij heeft door dat hij zich totaal niet hoeft te schamen voor zijn beperking. Ik hoop dat de documentaire daar een beetje aan heeft bijgedragen.”

Heb je nog toekomstplannen met de documentaire?
“Afgelopen jaar was er een groot internationaal congres over hersenletsel bij kinderen. Net daarna ben ik begonnen met het maken van de film. Over twee jaar is er weer zo’n congres en daar wordt de documentaire getoond met ondertiteling. Daar ben ik heel blij mee, want dat is weer even een moment dat de film in de aandacht staat. Je weet nooit wat daar dan weer uit voortvloeit.” 

 De Eenzame Fietser is te bekijken via deze link.

Tags: , , , ,
Posted in Film, Interview | No Comments »

Filmprogrammeur Wilko Schuringa: “Inplannen van films is als een schaakspel”

november 24th, 2014

In een restaurant selecteert de chef wat er op het menu komt. In de bioscoop doet een filmprogrammeur dat. Hoe maakt hij eigenlijk zijn keuze? CultuurBewust.nl vroeg het aan filmprogrammeur Wilko Schuringa van Theater Film Café De Lieve Vrouw in Amersfoort.

Als filmprogrammeur kijkt Wilko Schuringa heus niet heel de dag films. Hoewel hij wel bijna elke film ziet die hij op het programma zet. ‘In mijn vrije tijd ga ik soms nog wel eens naar de film, maar het is wel lastig om samen met mijn vriendin te gaan. Meestal heb ik een film al wel gezien.’ Op het programma van De Lieve Vrouw staan nu onder andere Locke, Dorsvloer vol confetti, A Most Wanted Man en De 100-jarige man die uit het raam klom en verdween. Allemaal films die Schuringa persoonlijk heeft geselecteerd.

Programma

Veel filmtheaters werken nog met een maandprogramma terwijl commerciële bioscopen met een weekprogramma werken. De Lieve Vrouw is een uitzondering en bepaalt ook elke week hoe vaak een film draait en wanneer. In de praktijk weet Wilko al maanden van tevoren op papier welke film wanneer op het programma komt. ‘Ik weet al tot januari 2015 welke films we gaan draaien. ‘Hoe dat gaat? ‘Op papier vul je de zalen met de films waarvan je weet dat je ze gaat draaien. De vraag is dan alleen hoe vaak je hem gaat draaien.’

Bij de distributeur huurt een programmeur films in voor een aantal weken. Ook als de film het slechter doet dan verwacht moet de film in principe het minimaal de aangekochte weken blijven draaien. Mocht de film een succes blijken, dan kan de programmeur de film prolongeren. De 100-jarige man die uit het raam klom en verdween is zo’n film. ‘Als ik hem zaterdagavond draai dan zitten er nog altijd zo’n 50 mensen in de zaal, terwijl we de film nu al 23 weken draaien’. Wilko vergelijkt het inplannen van films met een schaakspel, omdat je in je programmering vooruit moet kijken of er mogelijkheid is tot verlenging van een film.

Warm hart toedragen

Dorsvloer vol confetti blijkt ook een succes, maar over die film had Wilko zo zijn twijfels. ‘De film was niet vertoond op Cannes, niet op een zomerfestival en de distributeur had ons niet bestookt met jubelende persberichten, dan ben je toch wat voorzichtiger.’ Omdat het een Nederlandse film was, die Wilko altijd een warm hart toedraagt, heeft hij de film toch drie weken gegeven. De première was uiteindelijk in Vlissingen en daar is de film goed ontvangen. Ook Bij De Lieve Vrouw doet de film het goed en blijkt Schuringa toch een goede vooruitziende blik te hebben.

Ziet een programmeur dat de film het minder gaat doen, dan knijpt hij deze al langzaam wat af. Met klassiekers is het anders. Daarbij spreekt de programmeur en distributie af dat de film precies drie weken gaat draaien. ‘Al trekt een film weinig publiek, het programma willen we toch zo divers mogelijk houden, dus we hebben ook een plekje voor klassiekers, jeugdfilms en bijvoorbeeld documentaires.

Tags: , , , ,
Posted in Film, Interview | No Comments »

De vraag of games kunst zijn, is niet relevant bij New Horizons

november 24th, 2014

Het Fries Museum heeft met New Horizons een interessante weg in geslagen op het gebied van kunst; kunst in videogames. De logische vraag die er op volgt is: “Zijn games kunst?” Volgens initiatiefnemer Tim Laning is die vraag helemaal niet relevant.

De Engelse Ernest Adams, veteraan in de game industrie en videogame consultant, opent de expositie. “Als ik een game speel met een mooie omgeving, wil ik de tijd nemen om deze te bewonderen, maar telkens als ik dat doe, probeert iemand mij neer te schieten.” De bezoekers lachen, maar gamers weten dat dit waar is. Zonde, want omgevingen in games zijn vaak prachtig gemaakt. New Horizons haalt de beelden uit hun context en geeft de mogelijkheid om de esthetische kant van videogames te bekijken.

Wederzijdse inspiratie

De rode draad van de expositie is de omgeving, maar New Horizons geeft ook uitgebreid aandacht aan de wisselwerking tussen games en kunst. Er wordt een link gelegd tussen het werk van M.C. Escher, bekend om zijn prenten van onmogelijke constructies en de games Portal en Echodrome. Vooral Echodrome, waar in de speler zijn omgeving moet draaien om nieuwe looproutes te vinden, lijkt op Escher te zijn geïnspireerd.
Uit de kunstwereld worden ook werken getoond die door games zijn beïnvloed. Bij de ingang van de expositie zien we bijvoorbeeld de korte film Parallel 1 van Harun Farocki, waar in tweeduizend jaar kunstgeschiedenis met dertig jaar videogamegeschiedenis wordt vergeleken.

Vraagtekens

Toch zijn er een aantal onduidelijkheden in de expositie. Kunstenaar Imogen Stidworthy scande bijvoorbeeld haar omgeving met een sonarapparaat en zette deze om in beelden. De flinterdunne link die naar de expositie gegeven wordt, is dat Stidworthy omgevingen kan maken in enkele seconden, terwijl game designers hier jaren mee bezig zijn. Dit is echter eerder een irritatiepuntje dan een minpunt van de tentoonstelling.

New Horizons probeert de bezoeker niet te overtuigen dat games kunst zijn. Het enige wat de expositie probeert, is de bezoeker het medium voor een keer in een ander perspectief te laten zien. Zelfs als het blijkt dat videogames geen kunst zijn, kan het niet worden ontkent dat er behoorlijk kunstzinnige aspecten aan games zitten. Aspecten, die het waard zijn in een museum te bekijken.

Tags: , , , , , , ,
Posted in Geen categorie, Kunst, Recensie | No Comments »

Dat zit wel snor: Bas Kosters

november 24th, 2014

“Ik vind het mooi dat het uiterlijk van de man wordt ingezet voor een goed doel. Baarden en snorren komen en gaan, het is heel trendgevoelig. Dan is het grappig dat zo’n actie voorbij de fashion gaat. Het is leuk en charmant dat het publiek actief betrokken is bij een goed doel met achterliggende gedachte.” Bas Kosters (37) is modeontwerper en artiest, maar bovenal ziet hij zichzelf als storyteller. Hij laat deze maand zijn snor staan voor Movember en vertelt zijn verhaal over deze actie en zijn nieuwe collectie, waarmee het wel snor zit.

Storytelling with fashion as a language, is the way in which I distinguish myself with my label within the large group of (fashion) designers. My goal is to create a body of work, a future history’. Zo omschrijft Bas zijn werk op zijn eigen website. In zijn werk verwerkt hij de snor die bij Movember hoort, regelmatig. “De actie zet mensen aan actief een goed doel te steunen, door zelf ook iets actiefs te doen. Namelijk: een maand lang je snor laten staan en geld inzamelen. Degene die het meeste geld doneert bij mij, krijgt een speciaal snorren artwork”, vertelt Bas.

Breed publiek bereiken

Voor het tweede jaar op rij doet Bas mee aan Movember. Vorig jaar vroeg de organisatie hem mee te doen aan de actie. “Ze wilden een zo breed mogelijk publiek zien te bereiken. Als Mo Bro ben ik ambassadeur van Movember en zo laat ik zien dat de gezondheid van mannen voor mij belangrijk is. Ik zit in de mode en dan trek ik heel ander publiek aan dan een bekende voetballer of een dj.”

Snorren

De storyteller is sinds vorig jaar meer bezig met het verwerken van ‘de snor’ in zijn werk. “Voordat ik meedeed aan deze actie, was de link met mijn werk eigenlijk niet heel sterk. Vorig jaar heb ik wel een art work gemaakt over snorren.  As we speak ga ik die even opzoeken”, (het blijft even stil). “Ja, ik heb ‘m gevonden.”

Een tekening komt tevoorschijn van verschillende figuren met snorren die symbool staan voor Movember op een mintgroene achtergrond. “Een snor geeft een komisch beeld”, vertelt Bas. “Vrouwen hadden al langer een symbool voor het goede doel: het roze strikje. Nu hebben wij mannen ‘de snor’.”

“Door deze actie draag ik nu vaker wel een snor, dan niet. Voor ik aan Movember meedeed droeg ik wel eens een plak snor, maar nu heeft de snor een andere lading gekregen. Het is een leuke verandering en het staat me wel goed. Je went eraan. Het is meer onderdeel van mijn eigen persoonlijkheid geworden.”

Publiceren over Movember

“Nu ben ik meer gaan doen met de actie dan vorig jaar”, aldus Bas. In zijn column over Movember schrijft hij: Feeling bonded because you are working on the same cause seems like such a logical way to have people commit, and think. Because to me it seems clear that we need to be engaged, step up and see what we ourselves can contribute to this world. Not only will you help another, a nice side effect is that it makes you feel good about yourself. Maybe even more than with the purchase of a new bag or shoes. Dress yourself with well-being, how is that for a change?’

“Deze column schreef ik speciaal voor de actie. Daarnaast komt in mijn werk toch vaak een snor terug. Ik teken heel snel en vrij vlot een snor bij mijn werk. Het is een soort impulsieve actie: dan zit er maar zo een snor in mijn werk verweven.”

Verhalen vertellen

“Het vertellen van verhalen vind ik leuk, maar vooral ook nuttig. Ik ben ook een beeldmaker, ik zie mijn werken als prikkelend en enthousiasmerend. Voor mij is het vooral interessant om mensen te prikkelen om na te denken over acties. Dat mijn werk iets doet met mensen, dat er reacties komen, vind ik belangrijk.”

Naast storytelling voor de Movember-actie, is Bas ook bezig met nieuwe projecten. “Ik werk aan een collectie en dat is voor het komende half jaar mijn belangrijkste focus. Het is een combinatie van performance en kostuums en het kost heel veel tijd om deze collectie te maken. Het heet Permanent Stage of Confusion Phase 1 SS15 en iedere dag werk ik eraan met mijn team in mijn studio in Amsterdam. Ik ben meer daar, dan thuis.”

Fashion is leven

“Soms, heel soms denk ik wel eens: ik zou iets rustigs moeten doen. Maar een seconde later kan ik me dat al niet meer voorstellen. Dit is mijn ultieme droom: het creëren en communiceren van ideeën. Ik zou ook niet weten wat ik anders zou willen of moeten doen. Dit is het gewoon.”

Tags:
Posted in Interview, Kunst | No Comments »

« Older Entries |

Volg ons

Nieuwsbrief

Ja, ik ontvang graag tweewekelijks de tofste culturele uitgaanstips.